Het Coronavirus kwam dan toch ineens verrassend dichtbij, met alle gevolgen van dien. Natuurlijk hing het al een tijdje in de lucht, al maanden hoor je bijna niets anders meer op het nieuws. Geen programma kun je opzetten of dit was het onderwerp van gesprek. Eerlijk gezegd werd ik er een beetje moe van, ik zet de tv dus ook liever niet meer aan. Ik luister wel gewoon naar mijn favoriete muziek, veel rustiger voor mijn brein.

Vorige week donderdag kwam er een wending, er was een persconferentie met de oproep het virus toch wel serieus te nemen en of iedereen die dat kan zoveel mogelijk vanuit huis zou willen gaan werken. De scholen zouden nog open blijven, dat was geen probleem en bittere noodzaak min of meer. Oké de paniek sloeg toe, mensen gingen hamsteren en de supermarkten draaiden binnen een uur een nog hogere omzet dan ze met kerst ooit hebben gehaald. Twee dagen later kwam er een nieuw bericht, op zondagmiddag werd besloten (zeer verstandig) de scholen toch maar dicht te houden.

Vakantie! Of toch niet?

Euforie voerde hier de boventoon. De vlag mocht uit! Drie weken géén school. Joehoe! Wat fijn zeg. En dan ook precies in de week dat ik eigenlijk een toetsweek zou hebben, briljant, nu hoef ik al die toetsen niet te maken. Ho ho, puberbrein, sla niet meteen op hol! Natuurlijk heb je geen vakantie! Je schoolwerk gaat echt wel gewoon door hoor, ik weet niet hoe, maar dat zullen we snel genoeg te horen krijgen vanuit je school.

Spanning bouwt op

De onzekerheid, het niet weten wat je te wachten staat, de paniek die je om je heen voelt en ziet in de winkels, de hatelijke reacties van mensen op elkaar geven onrust. De spanning bouwt zich op, in het begin langzaam (ach China is ook zo ver weg), dan wordt het al iets serieuzer want het virus heeft Europa al bereikt, kinderen horen hierover in de klas, op het schoolplein en thuis op het nieuws vangen ze flarden op. Wij als ouders maken ons (terecht) zorgen om onze eigen ouders, de grote kwetsbare groep, zeker nu het in de provincie Brabant al zo flink aan het verspreiden is. Onze spanning wordt ook aangevoeld door de kinderen. We weten er weinig van af, kunnen onze zorgen dus ook niet geruststellen en hebben geen pasklare antwoorden op de vragen van onze kids. Met een “joh, zo’n vaart zal het niet lopen” kom je er nu niet meer mee weg. Nu is het echt bittere ernst.

Schrikken en schikken

Zo ernstig dus dat ik ineens drie kinderen thuis had zitten, de hele dag om me heen. Veel vragen natuurlijk, hoe lang gaat dit duren? Waarom mag ik nu ineens niet meer naar school? Hoe moet dat nu met mijn musical? En mijn verjaardag? Mag ik nu geen kinderfeestje meer geven? En de eind-CITO? Gaat die ook niet door? En kamp?

De Whatsapp ontplofte hier zowat. En ieder uur kwam er weer een totaal andere boodschap. De club zou eind maart op kamp gaan en ging gewoon door alleen mochten kinderen met een verkoudheid niet mee. En toen werd het opeens helemaal afgelast. Verjaardagen binnen de familie werden in kleine kring gevierd, maar het voelde raar, zelfs een beetje eng om toch bij elkaar te komen. Wat een vreemde gewaarwording. Het kinderfeestje van onze jongste moet helaas worden uitgesteld, balen natuurlijk en daar was ze wel even boos over.

Maar gelukkig kwam er tussen het stapeltje werkboekjes opeens een lief kaartje tevoorschijn van de juf. Dat maakte het toch wel weer even goed. En inderdaad laten we hopen dat het over een paar weekjes nog allemaal ingehaald kan worden voor iedereen.

Hoe lang gaat dit duren?

We zitten dus nu drie weken opgescheept met elkaar. Leuk, maar wel even slikken. Wie zegt dat dit inderdaad vanaf 6 april achter de rug is? Hoe lang zou dit nog voort blijven duren? En wat als we niet eens meer naar buiten mogen? Gelukkig mag dit nu nog wel, maar ja, lekker buiten spelen met vrienden gaat nu ook even niet, nee spreek maar liever online iets af, ga er maar niet naar toe voorlopig. Zo raar om dit te moeten zeggen thuis.

Stil in huis?

Iedereen moet zijn draai vinden, ik ook. Ik was stilte gewend, doen en laten wat ík wilde de hele dag door. Ik merk dat ik er moeite mee heb. Tuurlijk, supergezellig al mijn kids om me heen, maar ppfff ik kan nu niet gaan opruimen, want waar ik wil ruimen werkt nu een kind die ik niet mag storen, ik mag mijn muziek niet draaien, ik kan niet op de computer want daar werkt de oudste nu op, aan de eetkamertafel liggen alle werkboekjes van dochterlief uitgestald en de middelste zoon werkt mopperend op zijn i-Pad met “slechte wifi”. Oh nee, moet ik dit echt drie weken aanzien en aanhoren? Ik word er nu al gek van, hoe ga ik dit volhouden? Drie pubers, die roepen continu tegelijkertijd hoe stom ze iets vinden, hoe zinloos de schoolopdracht is en dat ze het niet snappen. Ik ben ergens in de kamer in een eigen hoekje ook aan het werk, althans ik doe een poging, maar word dus ook steeds afgeleid en door alle spanningen is mijn lontje redelijk kort, merk ik. Ik raak geïrriteerd en mijn eerste uitspatting is al redelijk als een snauw te benoemen. Ik schrik hiervan, oei zo worden het wel drie erg lange weken, de eerste dag is nog niet eens voorbij! Ik zoek even wat afleiding door wat op Instagram te scrollen. Ik lees veel posts van “lotgenoten”, moeders die met hetzelfde kampen als ik, iedereen met dezelfde vragen, dezelfde zorgen en dan opeens lees ik bij iemand “je kinderen zijn geen enge wezens, niet bang zijn voor tijd met je eigen kinderen, ze zijn echt heel leuk! Dat hele virus-gedoe heeft ook genoeg gedaan in deze kinderkoppies, laat ze dus vooral even bijkomen en genieten van het vrij-zijn, dat school pas over een dag of 2 met een invullen voor het thuiswerken komt is niet voor niks, benut deze tijd dus even om te resetten”.

En ja, ze heeft gelijk! Ik laat direct alles los, mijn hoofd staat te tollen, door alle spanningen voel ik mezelf ook opeens grieperig worden en ik voel een soort paniekgolf door mijn lijf opkomen. Ook mijn eigen kinderen voelen dit misschien wel, dus oké dag 1 Chilldag met een hoofdletter dus, kom maar op! Ja ik laat ze lanterfanten in pyjama, ja de tv staat de hele dag aan (gelukkig niet op nieuwszenders), het is spongebob alom en alle peuterprogramma’s van vroeger doen hun ronde (pubers die genieten van Bumba, de Klumpies, Buurman en Buurman! Hahaha serieus?) Nostalgie is dit dus nu, verhalen komen naar boven, weet je nog, lachen ze met elkaar, elleboogstootjes worden uitgewisseld met een grijns van oor tot oor. Ook eigenlijk leuk om de kinderen zo eens mee te maken. De spanning zakt in de loop van de dag, er wordt al het een en ander duidelijk ook vanuit school wat er te doen staat en alle neuzen gaan langzaam maar zeker dezelfde kant op staan.

Taak nummer 1 “STRUCTUUR”

Het allerbelangrijkste op dit moment is het houden van structuur! Want het grootste gevaar bij pubers is luieren. Laat ze hun gang gaan en er gebeurt niets! Niet in je pyjama blijven hangen, niet uitslapen tot je een keer zin hebt om op te staan, niet de hele dag op je scherm staren, maar actief aangekleed iedere dag op tijd opstaan. ’s Morgens 2 uur aan school werken en ’s middags 2 uur aan school werken en tussendoor tijd om te eten en te relaxen.

Bij ons houdt dit dus in dat we allemaal om 8.30 uur opstaan (tja een beetje uitslapen mag natuurlijk wel hè?!), dan kom je aangekleed beneden ontbijten en om 9.00 uur ga je aan de slag. Rond 11 uur mag je doen wat je wil, met elkaar of alleen, daarna gaan we lunchen en dan heb je nog even 2 uurtjes voor school. En dan heb je de tijd weer aan jezelf. ’s Avonds gaan we normale tijd naar bed (dit was raar, ik hoef nu toch niet naar school? Waarom moet ik dan zo vroeg naar bed?) Als je fris en fruitig wil blijven is dit nodig, punt.

In het begin gaf dit wel even wat wrijving, je kent pubers, ze gaan altijd overal tegenin. Waar haal je die onzin nu weer vandaan? Vragen ze zich hardop af. Gelukkig kwam mijn redding. Ook vanuit school kwam de oproep om vooral structuur in de dag te houden, met een globaal tijdschema hoe het werk ingedeeld kon worden om zo op die manier alle taken ruim op tijd af te kunnen krijgen. Oh ja, als school het zegt, dan zal het wel! (thank you)

Eigen verantwoording

Ook hierin moet ik mezelf steeds een halt toe roepen, controle houden (met name op anderen). Iedereen in de gaten houden om me heen, wat ben je aan het doen, lukt het daarmee, kom je eruit, moet je nog veel? Gekmakend, en hier hebben pubers dus ook snel de grootste afkeer van. Hoe vaker je iets vraagt, hoe groter het verzet. De twee jongens hier zitten op het voortgezet onderwijs en krijgen via internet het huiswerk vanuit school, dit is op zich niks nieuws, dit zijn ze zo gewend. Van begin af aan heb ik hiervan afzijdig weten te houden. Het is jouw huiswerk, jouw planning, jouw verantwoording. Leren voor een toets vul je ook allemaal zelf in. Ik heb geen zin om de hele dag achter iedereen zijn of haar agenda aan te rennen. Het lukt me eigenlijk wel aardig. Hier en daar nog natuurlijk een opvoedkundig opmerking die meteen leidt tot een zuchtende “jahaaa moeder”, oh ja oké sorry ik bemoei me er maar niet mee. Het is jouw verantwoording. Maar weet dat je bij me terecht kunt als je vastloopt!

Ook de jongste werkt met zo’n zelfde principe. Het Daltononderwijs vraagt veel van de kinderen zelf en ik zie dat ze dit prima redt. Alles op haar tijd en altijd keurig op tijd haar werk op orde. Dit geeft mij weer een goed gerust gevoel. Ze kunnen dit prima aan, dat zelfstandig werken thuis. Via de mail en/of app houden ze hun werk in de gaten.

Openheid en afstemmen

De eerste dagen was even aftasten dus, even de tijd krijgen om hier thuis met zijn allen onze draai te vinden. Inmiddels zijn we vier dagen verder en de rust komt steeds meer en meer in huis. In het begin was ik erg resoluut “zo wil ik het hebben, zo gaan we dit doen!” Niet gedacht maar als twee makke schaapjes werden deze “orders” door de oudste twee keurig opgevolgd. Alleen dochterlief had nog andere plannen. Die lapte de regels nog wel eens aan haar laars en kwam expres in pyjama naar beneden, ging eten wanneer ze zin had en deed vooral waar ze zin in had. Ik spoorde haar wel aan, maar dat gaf irritatie. Ik prees dus vooral de jongens in de hoop dat ze zou bijtrekken. Het werkte. Ze trok nog wel iets haar eigen plan (bleef in pyjama) maar ging wel al eerder met schooltaken aan de slag.

Vanmorgen bij het ontbijt even een kort overleg. Hoe gaat het met je, hoe vind je het zo werken, moeten er nog afspraken gemaakt worden? Conclusie, alles ging prima hier. En het was niet nodig om een heel strikt schema te maken van zo laat ga je lezen, zo laat ga je aan rekenwerk, dan ga je op je scherm. Ze vulden de dag zelf wel het liefste in. Ook houden ze zelf prima in de gaten of ze op de juiste werkplek zitten. Mam, als zus te veel herrie maakt en ik heb er last van, ga ik wel op mijn kamer verder werken hoor en anders ben ik dus gewoon beneden.

Een groot voordeel voor mij dus, dat ze hier goed zelfstandig kunnen werken. Maar wat nou als je kinderen daar moeite mee hebben? Hoe kun je ze dan het beste op weg helpen?

Stel de juiste vragen. Denk hierbij aan “wat moet je doen vandaag? Waar ga je mee beginnen? Hoeveel tijd heb je daarvoor nodig? Heb je een lange taak? Misschien kun je deze splitsen dat je op een ander moment het weer oppakt. Wissel maak- en leerwerk af. Wissel taal goed af, dus geen Frans maken na je Engels, maar pak dan juist bijvoorbeeld geschiedenis of wiskunde.

Ook het feit dat ik mijn eigen frustraties heb gedeeld werpt zijn vruchten af. Jongens luister, mama moet ook werken en haar dingen kunnen blijven doen. Maar het stoort gewoon als jullie steeds tegelijkertijd door elkaar heen praten en vragen stellen. Ik wil ook niet als een juf hier rondlopen of een soort stoplicht ophangen met stiltetijden. Kijk eerst liever even of je met me kunt praten, houd rekening met elkaar. Oké zo houden we het best vol samen.

Leuke dingen doen

En dan nu je jas en schoenen aan, we gaan picknicken! Huh, wat? Nou ja, jullie hoeven nu niet naar school te fietsen en je hebt geen gym meer, ook de sport is inmiddels gestopt. Maar frisse lucht hebben we nodig en even wat ontspanning. Dus benutten we deze momenten (zolang het kan en mag) door ook iets extra leuks te ondernemen. We pakken de fiets en rijden de polder in. Daar eten we onze lunch en fietsen we weer naar huis zodat we met frisse zin weer aan de slag kunnen.

Dit was raar en onverwacht, maar ’s avonds vonden ze dít het leukste gedeelte van de dag haha, “mam, gaan we morgen weer picknicken?”