Skip to Content

Moppen voor kinderen; 100 leuke, grappige, flauwe en korte kindermoppen

Moppen voor kinderen; 100 leuke, grappige, flauwe en korte kindermoppen

Vind jij het ook altijd zo leuk als iemand met een écht grappige mop komt waar je helemaal dubbel om ligt? Het lastige van een mop is dat je hem natuurlijk maar één keer aan dezelfde persoon kan vertellen, anders weet diegene al hoe het verdergaat.

Daarom is het goed om altijd een leuke mop bij de hand te hebben, zodat je origineel blijft. Hier vind je alvast een aantal leuke kindermoppen:

Bij de groenteboer

Susanne komt bij de groenteboer. “Mag ik tien kilo aardappels van u, alstublieft?” vraagt Susanne aan de groenteboer. “Mag het een onsje meer zijn?” vraagt de groenteboer. Antwoordt Susanne: “Liever niet, want ik mag niet te zwaar tillen van de dokter!”

Blijven zitten

Jantje komt thuis met een slecht rapport. Hij zegt tegen zijn vader: “Papa, blijf maar lekker zitten. Ik blijf namelijk ook zitten.”

Cowboy bij de kapper

Een cowboy besluit naar de kapper te gaan, want zijn haar is veel te lang geworden. Als hij klaar is, loopt hij naar buiten. En wat denk je? Pony weg!

Geboortetijd

Twee baby’s liggen naast elkaar in het ziekenhuis. Zegt de ene baby tegen de andere: “Hoe laat ben jij geboren?” Zegt de andere baby: “Om 12 uur ’s nachts.” Zegt de ene baby: “Wow, mocht je dan zo lang nog opblijven?”

Getallen

Twee mannen zitten in een café. De ene zegt “25!” Dan lachen ze allebei keihard. Zegt de andere: “7!” en weer lachen ze. Dan komt er een meneer bij hen zitten en vraagt: “Waarom lachen jullie om al die getallen?” “Wij hebben alle moppen een getal gegeven.” antwoorden de twee grapjassen. “Oh,” zegt de man. “3!” gilt hij dan opeens.

De andere twee lachen niet. “Waarom lachen jullie niet?” vraagt de man. “Omdat we die al heel vaak hadden gezegd!” “Oh, welke is dan wél grappig?” “10,” zegt één van de twee mannen. “Oké,” zegt de man. “10” zegt de man zachtjes. De twee lachen niet. “Huh, waarom lachen jullie niet?” vraagt de man. “Je vertelt hem niet grappig.”

Haar wassen

Er staat een jongen onder de douche. Hij vraagt: “Mam, waar staat de shampoo?” “Op de bovenste plank in de groene tube,” zegt zijn moeder. Dan zegt de jongen: “Maar die is voor droog haar, mijn haar is al nat!”

Hekel aan bruiloften

Een man komt op een bruiloft en zegt tegen de ober: “Vroeger had ik toch zo’n hekel aan bruiloften!” Zegt de ober: “Oh, waarom dan?” “Want er kwamen altijd ooms en tantes die me dan een duwtje gaven en zeiden: “Nu jij hè?!”” Ze zijn er gelukkig mee gestopt toen ik hetzelfde deed bij hen op begrafenissen.

In de gevangenis

Een gevangenisdirecteur roept al zijn gevangenen bij elkaar. “Ik ben bestolen!” zegt hij boos. “Als ik erachter kom wie dat gedaan heeft, dan vliegt hij er meteen uit!” Hij kijkt om zich heen en ziet dat alle gevangenen hun vinger opsteken.

In de wei

Een vogel zegt tegen een koe in de wei: “In mei legt elke vogel een ei.” Antwoordt de koe: “Dat is ook saai, ik leg namelijk elke dag een vlaai!”

Leeuwen in de tuin

Een man strooit blauw poeder in zijn tuin. De buurman vraagt: “Waarom doe je dat?” De man zegt: “Om de leeuwen te verjagen.” De buurman zegt: “Maar er zijn hier toch helemaal geen leeuwen?!” De man antwoordt: “Het poeder werkt dus goed!”

Mooi kleurtje!

Een oen zit in de auto en komt bij een stoplicht. Het wordt rood. “Mooi kleurtje!” zegt hij. Het stoplicht wordt oranje. “Ook een mooi kleurtje!” zegt hij. Dan wordt het stoplicht groen. “Nog een mooi kleurtje!” zegt hij weer. Daarna wordt het stoplicht opnieuw rood. “Hè saai, die kleur heb ik al gezien” zegt de oen, en hij rijdt door.

Onderbroekenlol

Er liggen twee onderbroeken naast elkaar in de wasmand. Zegt de ene onderbroek tegen de andere: “Wat ben je bruin, ben je soms op vakantie geweest?”

Plons

Kim en Geert staan op een brug. Kim zegt: “Ik weet zeker dat de Maas hieronder ligt!” Geert: “Welnee Kim, hieronder ligt de Waal!” Kim denkt even na en zegt dan: “Weet je wat, ik spring naar beneden en dan weten we wat het is.” Even later komt Kim weer boven, helemaal onder de blauwe plekken! “Ik weet wat hieronder ligt, Geert. Een snelweg.”

Rode mieren

Drie mannen gaan allemaal op een heel rare plek slapen. De eerste man slaapt op een bed met rode mieren. De tweede man slaapt op een bed gemaakt van schroeven en de derde man in een kamper met veel muggen. De volgende ochtend vraagt de man die op het bed met rode mieren heeft geslapen: “Hebben jullie lekker geslapen?” “Nee, jij wel?” “Ja!” zegt de man. “Weet je waarom? Ik sloeg een mier dood en de anderen gingen naar zijn begrafenis!”

Ruzie

Een baas wordt boos op zijn bediende. “Je moet de klant altijd gelijk geven!” zegt hij. “Ja, baas” antwoordt de bediende. Dan vraagt de baas: “Waar hadden jullie trouwens ruzie over?” Zegt de bediende: “Oh, de klant zei dat hij jou een oen vindt!”

Schaduw

Een muis en een olifant lopen in de woestijn. De muis heeft het warm en vraagt aan de olifant of hij in zijn schaduw mag staan. Het mag. Even later krijgt de olifant het zelf ook warm en vraagt aan de muis: “Mag ik nu in jouw schaduw staan?”

Schoen

Jan zegt tegen Piet: “Volgens mij zit er iets in mijn schoen!” Piet antwoordt: “Ja natuurlijk, je voet zit er toch in!”

Varken

Een varken ziet voor het eerst een stopcontact. Hij zegt vol medelijden: “Hebben ze jou nou zomaar in de muur gemetseld?”

Vogelkooi

Er zitten twee vogels in een kooi. Zegt de ene vogel tegen de andere: “Ik heb het warm!” Zegt de andere vogel: “Zal ik het deurtje even open zetten?”

Wel heel veel

Komt een jongen een café binnen. Hij bestelt negentien biertjes. “Waarom wil je zoveel bier?!” vraagt de barman verbaasd. De jongen antwoordt: “Oh, ik zag staan dat er onder de achttien niet wordt getapt!”

Bakker weg

“Weet jij waarom de bakker er niet meer is?” “Hij is door het tijgerbrood opgegeten.”

Rekenfout

Twee kikkers zijn aan het zwemmen. De ene kikker zegt tegen de andere: “Weet jij hoeveel we zwemmen per dag?” De andere kikker antwoordt: “Nee, hoeveel dan?” De eerste kikker zegt: “Ongeveer 300 meter.” Waarop de andere kikker verbaasd zegt: “Dat kan helemaal niet, we zwemmen toch in een ronde vijver?”

Drie woorden

Een kip loopt een café binnen en zegt: “Kop hee, graag.” De barman kijkt verbaasd op en vraagt: “Waarom zeg je maar drie woorden?” De kip antwoordt: “Wat had je dan verwacht, een kippendans?”

Hondenpraat

Een hond loopt een dierenwinkel binnen en vraagt: “Hebben jullie een leuke baan voor mij?” De eigenaar van de dierenwinkel zegt: “Sorry, we hebben geen banen voor honden.” Waarop de hond antwoordt: “Maar ik heb zo’n goede referentie van mijn vorige baas!”

Rondje lopen

Twee vrienden zijn aan het wandelen. De ene vriend zegt: “Ik loop altijd in rondjes.” De andere vriend kijkt verbaasd op en vraagt: “Waarom dan?” De eerste vriend antwoordt: “Zo kan ik nooit verdwalen.”

Muis op dieet

Er zit een muis op dieet in een restaurant. Hij bestelt een salade en zegt tegen de ober: “Doe er maar lekker veel kaas op, want ik moet aansterken.”

Geen boter

Een boterham komt bij de tandarts. De tandarts zegt: “Je moet beter kauwen.” De boterham antwoordt: “Maar ik heb geen boter!”

Geen tijd

Een man komt bij de bakker en vraagt: “Mag ik twee croissants, alstublieft?” De bakker antwoordt: “Nee, sorry, ik heb geen tijd voor grapjes.”

Eend in de kroeg

Een eend loopt een kroeg binnen en vraagt aan de barman: “Heeft u een broodje?” De barman antwoordt: “Nee, sorry, we hebben geen broodjes.” De eend kijkt teleurgesteld en loopt de kroeg weer uit. De volgende dag komt de eend weer binnen en vraagt: “Heeft u een broodje?” De barman antwoordt weer: “Nee, sorry, we hebben geen broodjes.”

De derde dag komt de eend weer binnen en vraagt: “Heeft u een broodje?” De barman antwoordt weer: “Nee, sorry, we hebben geen broodjes. En als je nog een keer komt vragen, nagel ik je vast aan de bar!” De eend kijkt hem aan en zegt: “Heeft u spijkers?” De barman antwoordt: “Nee, die heb ik niet.” De eend zegt dan: “Oké, heeft u dan een broodje?”

Fout telefoon

Fout telefoon Een man belt naar de pizzeria en zegt: “Ik wil graag een pizza bestellen.” De pizzabakker vraagt: “Waar wilt u de pizza laten bezorgen?” Waarop de man antwoordt: “Dat weet ik niet, ik bel per ongeluk naar Amerika.”

Twee honden

Twee honden zitten op een hek. De ene hond zegt tegen de andere: “Waarom ben jij eigenlijk zo blij vandaag?” De andere hond antwoordt: “Omdat ik net een bot heb begraven!”

De fiets

Een fiets komt bij de tandarts. De tandarts kijkt naar de fiets en zegt: “Ik denk dat ik het probleem al zie: je hebt een tandwiel.”

Twee kaarsen

Twee kaarsen staan naast elkaar. De ene kaars zegt tegen de andere: “Wat ruik ik toch?” Waarop de andere kaars antwoordt: “Ik denk dat je mijn geurkaars ruikt.”

Slangenpraat

Een slang komt bij de kapper en vraagt om een nieuwe coupe. De kapper vraagt: “Wil je je haar kort of lang?” Waarop de slang antwoordt: “Het maakt niet uit, ik heb toch geen armen om het te kammen.”

Zwaar tillen

Een man komt bij de supermarkt en vraagt aan de caissière: “Mag ik tien kilo aardappels, alstublieft?” De caissière vraagt: “Mag het een onsje meer zijn?” Waarop de man antwoordt: “Nee, dank je. Ik mag niet te zwaar tillen van de dokter.”

De vlieg

Een vlieg vliegt in het rond en zegt tegen zichzelf: “Waarom zit ik toch altijd in de problemen? Ik ben vast een karma-kameleon.”

Kippenpraat

Een kip komt bij de dokter en zegt: “Dokter, ik voel me zo slapjes.” De dokter onderzoekt de kip en zegt: “Het spijt me, maar ik moet u laten inslapen.” De kip kijkt verdrietig en zegt: “Is er geen andere oplossing?” Waarop de dokter antwoordt: “Ik zou u wel wat kippensoep kunnen voorschrijven, maar dat lijkt me in uw geval niet zo’n goed idee.”

Twee koeien

Twee koeien staan in de wei. De ene koe zegt tegen de andere: “Heb jij weleens een kalf gekregen?” Waarop de andere koe antwoordt: “Nee, maar ik heb er wel eens eentje uitgekotst.”

Grapjes vertellen

De barman kijkt de papegaai aan en zegt: “Nou, je kunt misschien een hapje eten van onze vogelzaadmix?” Waarop de papegaai antwoordt: “Vogelzaadmix? Bah, dat eet ik thuis al de hele dag. Ik wil wel eens iets anders proberen!”

De stomme klok

Er staat een klok op straat die steeds het verkeerde tijdstip aangeeft. Op een dag komt er een man langs en vraagt aan de klok: “Waarom geef je altijd het verkeerde tijdstip aan?” De klok antwoordt: “Ik weet het niet, ik heb altijd last van tijdsverdriet.”

De paraplu

Een man loopt in de regen met een paraplu. Plotseling valt er een gat in de paraplu. De man kijkt verbaasd omhoog en zegt: “Hoe kan dat nou? Ik heb deze paraplu nog maar een week geleden gekocht!” Waarop de paraplu antwoordt: “Sorry hoor, maar ik ben niet bestand tegen dit soort weersomstandigheden.”

De geest in de fles

Een man vindt een fles op het strand. Hij opent de fles en er komt een geest uit. De geest zegt: “Ik kan al je wensen vervullen, maar ik kan er maar één per keer vervullen.” De man denkt even na en zegt: “Oké, ik wens een ton goud.” De geest knipt met zijn vingers en er verschijnt een ton goud voor de man. De man denkt even na en zegt: “Oké, ik wens dat mijn vrouw de mooiste vrouw ter wereld is.” De geest knipt met zijn vingers en de vrouw van de man verandert in de mooiste vrouw ter wereld.

De man denkt even na en zegt: “Oké, ik wens dat ik een miljoen euro op mijn bankrekening heb.” De geest knipt met zijn vingers en er verschijnt een miljoen euro op de bankrekening van de man. De man denkt even na en zegt: “Oké, ik wens dat ik nooit meer een wens hoef te doen.” Waarop de geest antwoordt: “Uw wens is mijn bevel. Maar u had beter nog even nagedacht over wat u nog meer had kunnen wensen.”

De olifant

Een olifant staat in een boom en zegt: “Hoe kan dat nou? Ik ben toch veel te groot voor deze boom?” Waarop een muisje antwoordt: “Dat klopt, ik heb deze boom voor mijzelf uitgekozen.”

De stotterende visser

Een man gaat vissen met een stotterende visser. De stotterende visser zegt: “W-w-w-weet j-j-jij h-h-hoe j-j-jij v-v-vis m-m-moet v-v-vangen?” Waarop de man antwoordt: “Nee, hoe dan?” De stotterende visser zegt: “M-m-m-met e-e-e-een h-h-h-hengel.”

De hongerige schildpad

Een schildpad komt bij een bakker en vraagt: “Heeft u ook broodjes?” De bakker antwoordt: “Nee, sorry, we hebben geen broodjes.” Waarop de schildpad zegt: “Dat is jammer, ik heb zo’n honger.” De bakker vraagt: “Waarom eet je dan niet gewoon gras?” Waarop de schildpad antwoordt: “Omdat ik onder de modder zit.”

De zeerovers

Een groep zeerovers zit bij elkaar op het dek van hun schip. De kapitein zegt: “Ik ben zo trots op jullie mannen. We hebben weer een schip vol schatten buitgemaakt!” Waarop een van de zeerovers zegt: “Maar kapitein, we hebben al zoveel schatten, waar moeten we die allemaal laten?”

De kapitein antwoordt: “Dat is geen probleem, we graven gewoon een schatkuil op een onbewoond eiland en bewaken die goed.” Waarop de zeerover zegt: “Maar kapitein, wie bewaakt dan ons schip en de rest van onze schatten?” De kapitein denkt even na en zegt: “Oké mannen, we graven gewoon twee schatkuilen op dat eiland en bewaken ze allebei goed.”

De verdachte

Een man wordt verdacht van diefstal en moet voor de rechter verschijnen. De rechter vraagt: “Waar was u op de avond van de diefstal?” De man antwoordt: “Ik was bij mijn moeder op bezoek.” Waarop de rechter vraagt: “Kan uw moeder dat bevestigen?” De man antwoordt: “Nee, dat kan ze niet. Ze was namelijk ook bij de diefstal betrokken.”

De verjaardagstaart

Een man bestelt een verjaardagstaart voor zijn vrouw. Hij geeft de bakker de opdracht om erop te schrijven: “Gefeliciteerd met je 30e verjaardag.” De bakker vraagt: “Wilt u er nog iets speciaals bij hebben?” Waarop de man antwoordt: “Ja, schrijf erbij: ‘Maar je ziet eruit als 25!’”

De bakker schrijft het erop en de man neemt de taart mee naar huis. Als hij thuis komt, laat hij de taart aan zijn vrouw zien. Zijn vrouw kijkt naar de taart en zegt: “Maar schat, ik ben toch al 35?” Waarop de man antwoordt: “Oeps, ik heb me vergist. Maar je ziet er nog steeds uit als 25!”

Prachtige sterrenhemel

Tom en Koos zijn aan het kamperen. Het is één uur ’s nachts en Tom wordt wakker:l: wat zeg je daar “Zeg, Koos, kijk eens naar die prachtige sterren en die heldere hemel: wat zeg je daarvan?” “Dat het morgen mooi weer wordt?” “Nee, slimmerik, dat wil zeggen dat onze tent gepikt is!”

De postduif

Een postduif komt aan bij het postkantoor met een briefje in zijn snavel. De postbeambte neemt het briefje aan en zegt: “Dankjewel, maar waarom kijk je zo verdrietig?” Waarop de postduif antwoordt: “Dat is omdat ik mijn gps kwijt ben. Ik moet nu steeds zoeken waar ik naartoe moet vliegen.”

De voetbalwedstrijd

Er is een voetbalwedstrijd tussen twee teams die al jaren tegen elkaar spelen. De scheidsrechter fluit voor het begin van de wedstrijd en de spelers beginnen te voetballen. Al snel scoort een van de teams een doelpunt en de spelers juichen. Maar de scheidsrechter keurt het doelpunt af. De spelers van het team zijn boos en beginnen te klagen. De scheidsrechter antwoordt: “Sorry jongens, maar ik ben gewoon heel consequent. Ik heb deze wedstrijd namelijk gefloten volgens de regels van de tegenstander.”

Jantje gaat naar de dokter

Jantje gaat naar de dokter. Hij zegt: ‘Als ik hier duw doet het pijn en als ik hier duw doet het ook pijn. En als ik hier duw doet het ook pijn!’ De dokter zegt: ‘Ik zie het al. Je vinger is gebroken!’

Paraplu

Twee paraplu’s lopen over straat. Opeens zien ze een wandelstok. Zegt de ene tegen de andere: “Help, een naaktloper!”

Kippen

De moeder van Jantje heeft hem een taak gegeven: hij moet de kippen water geven. Wanneer ze ziet dat Jantje de dieren kokend water geeft, roept ze bezorgd. ‘Maar Jantje, waarom geef je de kippen kokend water te drinken?’ Jantje: ‘Ik wil eens kijken of ze ook gekookte eieren willen leggen.’

Opscheppen muizen

Drie muizen zitten aan een bar flink tegen elkaar op te scheppen. De eerste zegt: “Ik durf een blokje kaas uit de koelkast te pikken!”. De tweede zegt: “Ik durf kaas uit de muizenval te halen!” De derde trekt zijn jas aan en zegt: “Sorry jongens, ik moet naar huis om de kat te eten te geven!”

Opgedroogd

Eva en Jantje zijn een dagje op het strand. Jantje komt net uit het water en zegt: ‘Eva, mag ik een koekje?’ ‘Straks, als je opgedroogd bent.’ zegt Eva. ‘Oké, zegt Jantje, ‘dan ga ik ondertussen nog even het water in!’

Op het paard

Een paardeneigenaar is boos op zijn springruiter, die als laatste is geëindigd. ‘Potverdorie, had je niet wat beter kunnen springen?’ ‘Ik wel …maar ik moest toch bij het paard blijven!’

Spiegel

Jantje krijgt een koekje van opa. Hij gaat er mee voor de spiegel staan. Opa: ‘ Waarom ga je voor de spiegel staan met je koekje in je hand?’ Jantje: ‘ Omdat het dan lijkt dat ik twee koekjes heb!’

Cowboys

Er staan twee cowboys tegenover elkaar. De een schiet het oog van de ander eruit. De cowboy met één oog zegt: ‘Als je dat nog een keer doet, kijk ik je nooit meer aan!’

Hard werken

“Van hard werken is nog niemand doodgegaan”, zegt de chef tegen een werknemer die er de kantjes van afloopt. “Dat weet ik wel”, luidt het antwoord, “maar ik neem liever geen risico.”

STTT…

Er komt een man bij de bibliotheek en roept: “Mag ik een patatje oorlog, een hamburger en een milkshake?” Zegt de bibliothecaresse: “Meneer, u bent hier bij de bibliotheek!” “Oh, sorry!” zegt de man. En dan, fluisterend: “Mag ik van u een patatje oorlog, een hamburger en een milkshake?”

Fietsen

Twee gekken gaan fietsen. Onderweg laat de ene zijn banden leeglopen. ‘Waarom doe je dat?’ vraagt de andere. ‘Het zadel stond een beetje te hoog.’

Tractor

Keesje zit binnen. Dan gaat de bel. Keesje doet open en voor de deur staat een man. Man: ‘Is je vader thuis?’ Keesje: ‘Nee, die is overreden door een tractor.’ Man: ‘Is je moeder thuis?’ Keesje: ‘Nee, die is ook overreden door een tractor.’ Man: ‘Is je zus dan thuis?’ Keesje: ‘Nee, die is ook overreden door een tractor.’ Man: ‘Maar wat doe jij dan de hele dag alleen?’ Keesje: ‘Oh, een beetje op de tractor rijden!’

Solidair

Juf staat voor de klas en zegt: ‘Wie zichzelf dom vindt, moet gaan staan.’ Jantje staat op. De juf zegt: ‘En waarom ga jij staan, Jantje?’ Antwoordt Jantje: ‘Anders bent u de enige, juf!’

Haarkleur

Het is mooi weer en drie vriendinnen hebben zin in een ijsje. Dus gaan ze naar de ijscoman. De ijscoman vraagt aan het eerste meisje: ‘Hoe kom je aan dat mooie bruine glanzende haar?’ Waarop zij antwoordt: ‘Door mijn shampoo, meneer.’ Vervolgens vraagt de ijscoman aan het tweede meisje: ‘Hoe kom je aan dat mooie, volle blonde haar?’ Waarop ook zij antwoordt: ‘Door de shampoo die ik gebruik, meneer.’ Dan vraagt de ijscoman aan het derde meisje: ‘Hoe kom je aan dat groene haar?’ Ze haalt haar neus op, veegt het weg met haar hand en wrijft in vervolgens met haar hand in haar haar en zegt: ‘Ik weet niet, meneer’.

Nederlandse les

Jantje leert op school de verleden tijd. De juf vraagt:’ Wat is de verleden tijd van de zin: Ik eet een kommetje komkommersla?’ Waarop Jantje antwoordt; ‘Ik at een kwammetje kwamkwammersloeg!’

Rapport

Jantje heeft net zijn rapport gekregen en zegt tegen zijn vader: ‘Papa, ik heb een tien op m’n rapport.’ Zegt zijn vader: ‘Dat geloof ik niet, laat eens zien.’ Zegt Jantje: ‘Kijk maar, ik heb een 3 voor Nederlands, een 3 voor Frans en een 4 voor rekenen.’

Frans

Leraar aan leerling :’Ken jij Frans?’ ‘Ja, meneer, Frans is mijn oom.’ ‘Nee, dat bedoel ik niet, spreek jij Frans?’ ‘Ja, meneer, elke zondag wanneer hij bij ons op bezoek komt.’ ‘Nee, dat bedoel ik ook niet, versta jij Frans?’ ‘Ja, meneer, maar dan moet hij wel Nederlands praten en geen Frans.’

Telefoon

Jantje wordt ’s nachts wakker omdat de telefoon gaat. Hij neemt op en hoort een vreemde stem: ‘O, sorry ik heb het verkeerde nummer. Sorry dat ik u wakker maak.’  Jantje: ‘Dat maakt niks uit hoor, ik moest toch wakker worden. De telefoon ging!’

Puree

Er waren eens twee aardappelen. Zegt de ene aardappel tegen de andere: ‘Waarom kijk jij zo verdrietig?’ Waarop de andere antwoordt: ‘Omdat mijn moeder in de puree zit!’

Belgenmop

Weet je waarom de Belgische moppen zo simpel zijn? Anders begrijpen die Hollanders ze toch niet.

Opzet

Eric en Jantje zitten naast elkaar in de eetzaal. Jantje pakt zijn boterhammendoos en doet ze open. Even later gooit Eric de boterhammendoos op de grond, Jantje gaat naar de meester en zegt: “Meneer, Eric heeft mijn boterhammendoos op de grond gegooit.” waarop de meester vraagt: “En was dat met opzet?” Jantje: “Nee, met choco.”

Raadsel moppen voor kinderen

  1. Waarom is het zo moeilijk om tegen een geest te liegen? Omdat ze door je heen kunnen kijken.
  2. Wat is het verschil tussen een orkest en een knuppel? Een orkest heeft stokken en een knuppel heeft stokken.
  3. Waarom kan een pinguïn niet vliegen? Omdat het te ver is om te waggelen.
  4. Wat is het favoriete getal van een wiskundige? Pi.
  5. Hoe noem je een slaafse hond? Een labradoriet.
  6. Wat zegt een bloempot als hij wordt gevraagd naar zijn favoriete muziekgenre? Soil.
  7. Waarom kan een leeuw niet kaartlezen? Omdat hij altijd de sleutel omdraait.
  8. Wat is de favoriete snack van een timmerman? Plankton.
  9. Hoe heet een koe die een grap maakt? Een lachkoe.
  10. Waarom dragen olifanten altijd zwemvliezen? Om hun poten droog te houden.
  11. Wat is het toppunt van beleefdheid? Je excuses aanbieden aan een telefoonpaal als je er tegenaan loopt.
  12. Waarom houden astronauten niet van het eten van hun eigen snacks? Omdat ze er altijd doorheen gaan.
  13. Hoe krijg je de aandacht van een walvis? Door te leren hoe je walvis kunt spreken.
  14. Wat is het verschil tussen een fiets en een vogel? Een fiets kan niet vliegen, maar een vogel kan wel fietsen.
  15. Waarom kan een tijger niet pianospelen? Omdat hij altijd op de toetsen springt.
  16. Wat is het toppunt van luiheid? Een slak op een kruispunt.
  17. Hoe noem je een aap in een pak? Een apenpak.
  18. Waarom gaat een skelet niet naar feestjes? Omdat hij geen vlees heeft om mee te nemen.
  19. Wat is het favoriete fruit van een ruimteschip? Een sterfruit.
  20. Hoe noem je een kip die een tovenaar is? Een kippenpoot.
  21. Waarom hebben zebra’s strepen? Om ze te laten opvallen in een menigte.
  22. Wat krijg je als je een hond en een telefoon kruist? Een blaftelefoon.
  23. Hoe noem je een beer zonder tanden? Een gummybeer.
  24. Wat is het toppunt van geduld? Een vis vangen in een fontein.
  25. Waarom houden vampieren niet van tandartsen? Omdat ze geen tandbederf willen.
  26. Wat is het verschil tussen een koelkast en een kikker? Een koelkast kan niet springen, maar een kikker kan wel koelen.
  27. Hoe noem je een hond die een goochelaar is? Een labradorius.
  28. Waarom kunnen spinnen niet op het internet? Omdat ze altijd op het web blijven.
  29. Wat is het favoriete gerecht van een astronaut? Ruimtekoekjes.
  30. Hoe noem je een vogel met een hoed? Een petvogel.
Jisca