Wildplukken is ons mensen niet vreemd. Al heel vroeger, in de tijd van jagers en verzamelaars, was dit dé manier om in je voedsel te voorzien. Tegenwoordig neemt wildplukken in populariteit toe. Bramen plukken in het bos of hazelnoten rapen in het natuurgebied. Twee vormen van wildplukken. Ook het plukken van paddenstoelen of het plukken van munt en andere planten zijn varianten van het wildplukken. Hoe zit het met de regelgeving rond wildplukken? Mag je dit overal doen? En welke fijne boeken helpen je om meer over wildplukken te weten te komen?

Wat is wildplukken en is dit strafbaar?

Wikipedia zal dit waarschijnlijk omschrijven als: ‘het plukken van fruit, zaden, planten en noten voor eigen consumptie’. En dat is ook wat wildplukken is. Het gaat niet zozeer om het plukken, je kunt ook de pruimen in het stadspark rapen. Dit valt ook onder wildplukken.

Officieel is wildplukken verboden. Volgens onze Nederlandse wet en regelgeving valt dit onder stroperij. Navraag bij een agent en een boswachter leerde me dat het wel gedoogd wordt. Wanneer het gedoogd wordt? Denk aan het wildplukken / rapen van een handvol. Als je een handje bramen plukt, heb je weinig kans dat er een boete opstaat. Anders wordt het als je met vier grote emmers komt. Hierdoor hebben de dieren geen voedsel meer, vandaar de kans op een boete. Als je respect hebt voor het evenwicht tussen de natuur en de mens, dan ga je er verstandig mee om.

Je kan de volgende ‘regel’ aanhouden:

  • een vol bakje van 250 gram mag. Dit is qua inhoud vergelijkbaar met een champignondoosje.
  • Pluk 20% van de plant.
  • Was wat je plukt goed. Doe dit met water.
  • Pluk liever niet op gebieden waar veel verkeer is of honden lopen. De kans op uitlaatgassen en uitwerpselen / plas op je geplukte vruchten of gewassen is dan groter.
  • Beschadig de plant, struik of boom niet. Ook hiermee toon je respect voor dier en natuur.

Wat kun je plukken?

Allereerst zijn er heel wat planten die je kunt plukken:

  • Bramen of andere bessen die je tegenkomt tijdens een wandeling in de bossen of de duinen.
  • Eetbare paddestoelen; deze groeien in de herfst, wel even goed opletten welke eetbaar zijn en welke niet.
  • De brandnetel. Let op, als je deze van onder naar boven plukt ga je de prikkende blaadjes aan de bovenkant uit de weg. Van brandnetel kun je van alles maken. Gebruik de bovenste blaadjes net zoals je spinazie gebruikt. Of trek er eens (brandnetel)thee van. Wist je dat de brandnetel zaadjes heeft die zeer geschikt zijn als garnering? Rooster deze even en je hebt een prima garnering. Het smaakt naar noten.
  • Duizendblad. Een wildplukwandeling leerde me dat je hier chips van kunt maken. 15 minuutjes in de oven met wat olijfolie, peper en zout erover geeft je gratis chips!
  • Vlierbloesem en vlierbessen. In de lente kun je goed vlierbloesem plukken, die de basis vormen van allerlei lekkere gerechten. Vlierbessen kun je ook wel superfood noemen. Heel goed voor je weerstand. Mogelijk dat jouw oma of moeder ook van vlierbessen limonadesiroop maakte. Ook als jam op je beschuit of laagje op een taart is dit heerlijk!
  • Berenklauw. Dan bedoelen we niet de reuzeberenklauwvariant, maar die van de ‘normale’ berenklauw. Deze berenklauw brengt zaadjes voort, die vergelijkbaar zijn met die van de kardemom. Als je op een wildplukwandeling gaat, zal de gids je de zaadjes ook laten ruiken. Bij het openmaken ruik je een citrusgeur. Fijn om er thee van te maken of verwerk het in koek / taart!
  • Duindoorn. Ik vond ze erg zuur, maar als basis zijn deze mooie besjes geschikt voor allerlei lekkers. Van jam tot in taarten, de duindoorn is een veelzijdig besje!
  • Hondsdraf. Wrijf dit plantje fijn en je ruikt…knoflook. Toch zit er geen echte knoflook in. Dit kruidige plantje geeft je soep of quiche een extra ingrediënt!
  • Rozenbottel. Deze zie je volop in de zomer in stadsparken bijvoorbeeld. De rozenbottel geeft zowel siroop, likeur als jam. En ook nog eens eenvoudig gemaakt!
  • Paardenbloem is geschikt om in een salade te verwerken, of trek er thee van.

Hoe te werk gaan met wildplukken

Staatsbosheer geeft de tip: weet je niet zeker of de plant veilig is? Doe het dan NIET. Bij twijfel dus beter laten staan, dit is voor je gezondheid!

Een handig hulpmiddel hiervoor is deze site van permacultuur. De eetbareplantenbase op hun website is enorm. Bijna alle planten staan hier