Meiden gaan anders met elkaar om dan jongens. Waar je jongens op het schoolplein elkaar een duw of trap ziet geven bij een ruzie, lossen meiden het veelal verbaal op. En: jongens leggen het sneller bij. Meiden zijn goed in het onthouden van een ruzie en komen er nog lang op terug. Meidenvenijn kun je vergelijken met hoe meiden in een groep (op een negatieve wijze) met elkaar omgaan. Het heeft alles te maken met rangorde.

In iedere groep is er een rangorde, ook van meisjes onderling. De plaats in de rangorde geeft je een rol. Ook bepaalt het je gedrag ten opzichte van andere meiden in je groep. Anke Visser heeft in 2004 een boek over meidenvenijn op de basisschool geschreven. Dit omdat er in vrijwel elke basisschool een klas kan zijn waarbij het meidenvenijn flink in stand gehouden wordt. Met alle verwoestende gevolgen van dien. Wat kun je aan meidenvenijn doen als ouder of leerkracht?

Meidenvenijn gaat vaak stiekem en in een groep

Waar jongens kunnen gaan voor de open confrontatie, gaat dit bij meiden anders. Denk aan ‘stiekem’ gedrag als smoezen over anderen of het oprichten van een clubje. Dit gedrag maakt dat het voor ouders en leerkrachten veel minder zichtbaar is wat er nu precies gaande is. Denk aan roddelen over een ander, een geheime club oprichten en daarbij andere klasgenoten buitensluiten, het negeren van andere meisjes of isoleren.

Er is in iedere klas een rangorde. Het doel van meidenvenijn is de ander te kwetsen en de eigen rangorde in stand te houden. Je ziet meidenvenijn in groepjes tegen elkaar, 1 tegen 1 of als hele groep tegen 1 persoon. De gevolgen voor het gekwetste meisje zijn verregaand. Het heeft negatieve gevolgen voor het zelfbeeld, welbevinden en de gezondheid.

Meidenvenijn kan zowel online als fysiek plaatsvinden. Zo zijn er verhalen over groepsapps die in groep 8 aangemaakt worden en waarin meiden onderling elkaar zwart maken, buiten sluiten of op een andere manier aan cyberpesten doen. Meisjes hebben vaak 1 op 1 relaties die diep gaan. Anders als bij jongens worden er meer geheimen uitgewisseld en gaat het contact de diepte in.

Extra kwetsbaar voor meidenvenijn

Anke Visser beschrijft in haar boek dat alle meisjes graag lief gevonden willen worden. Dit begint als baby al, als ze peilen hoe de ander op hen reageert. Anders dan in een jongensvriendschap zijn geheimen delen, vertrouwen en met elkaar praten vaste waarden in een meisjesvriendschap.

Het zelfbeeld van een meisje wordt opgebouwd door contacten met anderen; in de puberleeftijd zijn contacten van leeftijdsgenoten hierin extra belangrijk. Meisjes die een broer hebben, zijn minder vaak het mikpunt van meidenvenijn. Niet omdat die grote, sterke broer erbij gehaald kan worden door het betreffende meisje, maar simpelweg omdat het meisje meidenvenijn vaak niet herkent.
Extra kwetsbaar voor meidenvenijn zijn de meiden die:

  • Onzeker zijn
  • Er ‘anders’ uitzien
  • Zelfverzekerd zijn en hun eigen plan trekken (en hierdoor een bedreiging zijn voor de populaire meiden)

Rollen en ‘posities’

Meidenvenijn gaat over macht en rangorde. Je zou de volgende rollen kunnen omschrijven als je het over meidenvenijn hebt:

  • De koningin: Dit meisje valt op en is populair. Andere klasgenoten willen met haar omgaan. De koningin beschikt over veel zelfvertrouwen. Ze deelt bevelen uit en is nooit alleen.
  • De hofdame: De hofdame is altijd dicht in de buurt van de koningin. Haar rol is informatie verzamelen voor de koningin, haar volgen, complimenten geven en lachen om wat de koningin zegt.
  • Werkster of wannabe: De meelopers van de groep. Deze imiteren het taalgebruik en de kleding van de koning. Wil erg graag een hofdame worden, maar heeft niet door dat het als een knechtje ingezet wordt.
  • Mikpunt: de koningin vindt dit meisje een bedreiging. Dit meisje hoeft niet eens een buitenbeetje te zijn, ze wordt door de koningin gekozen om te kwetsen en belachelijk te maken.
  • Omstanders: stille getuigen die niet in durven grijpen en zich ook wel als werkster laten gebruiken.

Wat te doen als leerkracht?

Het is allereerst belangrijk dat er openheid komt en dat de leerkracht weet dat er meidenvenijn in de klas is. Daarnaast is de rol inzichtelijk maken van iedere leerling ook nodig. Een positieve sfeer in de klas biedt minder ruimte voor meidenvenijn. Vaak volgt er een interventie bij meidenvenijn. Deze interventie is erop gericht om een gesprek op gang te brengen. En om iedereen van zijn of haar gedrag bewust te maken.
De leerkracht gaat dan in gesprek met het meisje of de meiden die het mikpunt zijn.

Daarna wordt de groep samengeroepen. De leerkracht legt het probleem uit. De volgende stap is dat de verantwoordelijkheid voor de oplossing bij de groep gelegd wordt. Door naar voorstellen van de groep te vragen wordt er naar een oplossing toegewerkt. Individuele korte gesprekken met de bijenkoningin, hofdame, wannabe en het mikpunt volgen. Dit is een voorbeeld van hoe een steungroepaanpak eruit ziet. Anke Visser beschrijft in haar boek hoe deze steungroepaanpak er precies uitziet. Het is een aanrader voor alle leerkrachten en ouders van een meisje in de bovenbouw.

Wat kun je als ouder doen bij meidenvenijn?

Het is allereerst van belang om erachter te komen welke rol jouw dochter heeft in de rangorde. Is ze de queen bee, het mikpunt of één van de meelopers? Wat altijd meehelpt is om in gesprek te gaan met je kind. Praat over hoe zij zich voelt. Werk samen met de school en bespreek hoe zij zien hoe je kind met anderen omgaat. Is dit op een bazige en dwingende manier of juist onzeker en verlegen?

Het is helpend voor het zelfvertrouwen om 1 op 1 tijd met je kind door te brengen en het na schooltijd op een sport of hobby te doen. Zeker als je kind daar goed in is, kan deze plezierige activiteit bijdragen aan een betere stemming én zelfvertrouwen. Vaak doen ze ook leuke contacten op bij een sport of hobby.

Stimuleer het maken van vrienden buiten de hofdames / koningin om. Vraag of ze eens vriendinnen mee naar huis neemt en observeer hoe ze met elkaar omgaan. Daarnaast kan het ook zo zijn dat je aanbiedt om in een groepsapp toegevoegd te worden, zodat je een oogje in het zeil kan houden. Of door de laptop op de keukentafel te houden, zodat je het een beetje in de gaten kunt houden.

Lees ook

Mirjam de Stigter