Zou dit mogelijk zijn, denk je? Er zijn namelijk erg veel mensen die geloven dat de dromen die ze hebben enigszins de toekomst kunnen voorspellen. Als je kijkt naar de Britten blijkt het zelfs dat een derde van de Britse bevolking dat minstens één keer heeft meegemaakt in hun leven. Ook zijn hier een aantal voorbeelden van! Neem Abraham Lincoln (16de president van de Verenigde Staten) als voorbeeld; hij droomde namelijk twee weken voor hij doodgeschoten werd over een moord. Neem ook Mark Twain (Amerikaanse schrijver en humorist) als voorbeeld. Zijn broer is omgekomen door een explosie, en een paar weken eerder droomde Mark dat hij zijn broer zag liggen in een doodskist.

Ook beweren mensen vooral achteraf na een ramp dat ze er een droom over hadden. Dit is eens onderzocht door een Britse psychiater genaamd John Barker. Hij heeft dit onderzocht in het jaar 1966, in een dorpje in Wales genaamd Aberfan. Dichtbij Aberfan was een steenkolenmijn te vinden, en al het slik daarvan werd gestapeld op de heuvels rondom het dorpje. Toen er een keer zware regenval optrad, ontstond er een zwarte brij toen al de regen zich mengde met al het slik. Alles stroomde zo naar het dorp waardoor de dorpsschool overspoeld raakte. Vele mensen vonden de dood. Er waren maar enkele kinderen gered. Mr. Barker besloot om een oproep te plaatsen in de krant, waarin hij mensen verzocht zich bij hem te melden die over de ramp hadden gedroomd. Zestig brieven kreeg hij, en meer dan de helft van die brieven ging over een droom die voorspellend was. Zo kreeg hij een brief van de ouders van een 10-jarig meisje die gedroomd had dat ze niet meer naar school kon, omdat ‘de school niet meer bestond doordat er iets zwarts overheen was gekomen’. Helaas was het meisje bij de ramp om het leven gekomen. Nog een voorbeeld om te noemen gaat over een vrouw die een avond voor de ramp gedroomd had over een groep met kinderen die in een rechthoekige kamer zaten opgesloten. Het einde van die rechthoekige kamer werd door houten balken geblokkeerd wat ervoor zorgde dat de kinderen niet meer weg konden.

Hoe is dit allemaal te verklaren? Er is in de jaren ’50 ontdekt dat als iemand vlak na zijn of haar REM-slaap laat ontwaken dat hij of zij meestal zijn of haar droom herinnert. Wist je dat iedereen ongeveer 4 dromen per nacht heeft? De dromen duren circa 20 minuten en treden na ongeveer 90 minuten op. Ook is het zo dat bijna iedereen in kleur droomt.

Dromen worden meestal snel vergeten, maar niet als er zich een situatie voordoet die je eraan herinnert. Wat er gebeurd is in die ene droom komt weer helemaal naar boven, en niet dat van vele andere dromen. Bijvoorbeeld het zwart in de dromen van de mensen in Aberfan werd gezien als kolenbrij, de rechthoekige kamer werd als de school gezien, etc. Het jonge meisje dat was overleden zag iets ‘zwarts’, maar misschien was dat een gevolg van een angst waarvan ze zelf niet bewust was. Er werd al jaren gewaarschuwd door de lokale overheid wat betreft het opstapelen van de kolenslik.

Ook bestaat er een statistische verklaring. Neem een willekeurig persoon. Stel dat diegene van zijn of haar 14de tot zijn of haar 74ste levensjaar elke nacht droomt. Die persoon zal dan 21.900 nachten dromen. Neem nu de gebeurtenis zoals de ramp in Aberfan en stel dat het één keer per generatie voorkomt. Wijs die nare gebeurtenis toe aan een bepaalde dag. Stel je nu eens voor dat diegene slechts één droom herinnert over één of andere nare gebeurtenis. De kans dat die persoon zijn of haar nare droom zal dromen in de nacht voor de ramp is 1 op de 22.000. Er woonden circa 45.000.000 in Engeland in de jaren ’60 en als al die mensen dezelfde kans hebben op een droom zoals die ene persoon, dan heb je circa 2000 mensen die het in eenzelfde generatie meemaken. ‘De wet van de grote aantallen’ wordt dit principe genoemd. Dit principe betekent dat bepaalde voorvallen die als ongewoon beschouwd worden veel waarschijnlijker worden, mits er voldoende mogelijkheden zijn om dat voorval plaats te laten vinden.

Ook heb je nog het fenomeen dat mensen het idee hebben patronen waar te nemen waar er geen zijn. Een voorbeeld hiervan is de Rorschach-test. Dat zijn inktvlekken, maar men ziet er van alles in.

Neem ook het fenomeen ‘sensorische habituatie’. Dat is als je naar een stip kijkt met een grijze circel eromheen. Als je je hoofd en ogen goed stil houdt, zal de grijze circel al na enkele seconden verdwijnen. Als je dan je hoofd beweegt, komt de grijze circel weer terug. Wat er eigenlijk gebeurd, is dat je zintuigen zich aanpassen en niets meer waarnemen als er niets veranderd. Dat is hetzelfde dat als je een kamer inloopt waar koffie is gezet. Als je langer in die kamer blijft, zul je op een gegeven moment de koffie niet meer ruiken.

Dat principe staat ook centraal bij OBE’s (out of body experiences) volgens professor Sue Blackmore. OBE’s worden ervaren door mensen die zich in situaties bevinden waarin zij onveranderlijke en weinig prikkels ervaren, als ze bijvoorbeeld stil liggen met hun ogen gesloten. Als ze daarbij nog medicatie gebruiken die een spierontspannende werking heeft, wordt er nog minder waargenomen (bijvoorbeeld slaapmiddelen). Er wordt dan een beeld geschetst door de hersenen van waar die persoon zich bevindt en of wat hij of zij aan het doen is. Maar het gebeurt ook niet bij iedereen. Als je veel fantasie hebt is de kans wel groter om een OBE te ervaren.

Linda van Aken