Veel mensen gaan een weekendje naar Parijs. Ik ken mensen die al tien keer een weekendje zijn geweest en vaak elke keer dezelfde dingen bezoeken. Persoonlijk vind ik dat altijd een beetje vreemd, want er is zoveel méér te zien! Zelf was ik in de zomer van 2008 twee weken in Parijs en heb buiten de bekende plekken veel meer bezocht en zo ben ik ook de stad uitgeweest. Hierbij geef ik je mijn tips voor een dagje buiten de binnenstad van Parijs.

Chantilly

Vanaf Gare du Nord is het 40 km naar het noorden. Er gaat een rechtstreekse trein naar Chantilly-Gouvieux (30 min.) Daarna is het nog een half uur lopen naar het kasteel, maar er rijden af en toe bussen.

Het Château de Chantilly is één van de schilderachtigste kastelen van de regio. Het is gelegen in een prachtig park, met het Fôret de Chantilly op de achtergrond, en heeft een fantastische kunstcollectie. In het stadje Chantilly bevindt zich een belangrijk trainingscentrum voor renpaarden, er is een wereldberoemde renbaan en ook het hippische museum Musée Vivant du Cheval.

Op culinair gebied is Chantilly om twee redenen beroemd: de crème chantilly en de 17e-eeuwse meesterkok Vatel. In 1671 kwam er een tragisch einde aan zijn leven: hij pleegde zelfmoord omdat hij niet genoeg vis had om de bezoekende Louis XIV voor te zetten.

Château de Chantilly

Chantilly is gesticht door de Romeinse Cantilius. Anne de Montmorency, een opperbevelhebber van het Franse leger, speelde in de 16e eeuw een belangrijke rol bij de ontwikkeling van het gebied. Hij besloot het middeleeuwse kasteel om te bouwen tot een renaissancekasteel en voegde het Petit Château toe, dat nog steeds bestaat.

In de 17e eeuw kwam Chantilly in het bezit van de invloedrijke familie Condé en de prins, die de Grande Condé genoemd werd, nam André Le Nôtre, de landschapsarchitect van Versailles, in dienst voor het ontwerpen van het Grand Canal, de meren, de watervallen, de siervijvers en de doolhof. Het kasteel werd een belangrijke plaats voor allerlei festivals en bijeenkomsten.

Tijdens de Revolutie is een groot deel van het Grand Château geplunderd en vernield, en het gebouw werd gebruikt als gevangenis. In ongeveer 1830 erfde Henri d’Orléans, hertog van Aumale, het goed en gaf Honoré Daumet in 1875 opdracht tot een ingrijpende restauratie. In 1886 schonk de hertog Chantilly aan het Institut de France, onder voorwaarde dat zijn kunstcollectie intact zou blijven en dat het kasteel opengesteld zou worden voor het publiek. In april 1898 werd het Musée Condé geopend.

Meer informatie vind je hier.

Musée Condé

De kunst en de meubels die hier tentoongesteld zijn, dateren van de renaissance tot de 19e eeuw. In de zalen met schilderkunst hangen werken van Franse, Italiaanse, Nederlandse, Engelse, Vlaamse en Spaanse schilders, en daarnaast 18e-eeuws porselein en 19e-eeuwse kant uit Chantilly. In een zaal met bovenlicht, die de Tribune wordt genoemd, hangen Franse meesterwerken. De Galerie de Psyché heeft 42 prachtige 16e-eeuwse gebrandschilderde ramen en in de Santuario hangen 40 miniaturen van Jean Fouquet (1445). De bibliotheek bevat een enorme collectie zeldzame en belangrijke boeken: bekijk vooral de reproductie van het geïllustreerde, middeleeuwse manuscript Très Riches Heures du Duc de Berry.

Meer informatie vind je hier.

Het park

Het terrein is ongeveer 115 ha groot en is ideaal voor een wandeling. De bezienswaardigheden zijn: het Grand Canal, de waterval, de 18e-eeuwse Anglo-Chinese tuin, de 17e-eeuwse Franse tuin van Le Nôtre, het Maison de Sylvie en de romantische Engelse tuin. Er is ook nog het Château Enghien, een speeltuin, een kangoeroepark en Le Hameau, in 1774 gebouwd voor de prins van Condé.

In de zomer kun je in een elektrische boot door de slotgracht en de kanaaltjes varen, met paard en wagen een nostalgische rijtoer maken of een ritje maken in het treintje. (2008)

Musée Vivant du Cheval

De stallen (Grandes Écuries), met hun opvallende façade, zijn in de 18e eeuw gebouwd door de hertog van Bourbon. Volgens de legende geloofde hij dat hij zou reïncarneren in een paard. De stallen zijn 186 m lang en waren gebouwd om plaats te bieden aan 240 paarden en meer dan 400 jachthonden voor de herten- en zwijnenjacht. Tegenwoordig worden ze gebruikt door het paardenmuseum: het grootste en mooiste in zijn soort. Ik heb hier destijds genoten van schitterende dressuurshows.

Meer informatie vind je hier.

Chantilly castle stockphoto from Shutterstock / bm rafik

Lees ook

Astrid