Zakgeld: vanaf welke leeftijd en hoeveel?

De laatste tijd hoor ik het mezelf steeds vaker zeggen als er weer om iets gevraagd wordt. Of dat nu een snoepje in de winkel is of speelgoed. “Als je dat wilt hebben, koop je het maar van je eigen zakgeld.” Er is echter een probleem; want ze krijgen nog geen zakgeld. Ze zijn wel bezig met muntjes en betalen in de winkel maar hebben verder nog geen besef. Voor hun zijn vijf muntjes van vijf cent meer dan één muntje van vijftig cent. Voordat er uitgegeven kan worden, moet er echter gespaard worden. Dus vroeg ik me af op welke leeftijd je eigenlijk het beste kan beginnen. Als het gaat om financiële zaken kijk ik vaak toch altijd wel even naar het advies van Nibud; wat adviseren zij. Daarnaast vraag ik ook even rond wat andere ouders doen. Als moeder wil je tenslotte niet dat klasgenootjes op ze neerkijken, maar ze hoeven ook niet verwend te worden. Gewoon een beetje in het midden gaan zitten.

Waarom zakgeld?

Slechts 69% van de kinderen tussen de 5 en 11 jaar krijgt zakgeld. Niet iedereen krijgt het dus. De vraag is dus waarom zou je je kind zakgeld geven? Grofweg zijn er drie redenen om zakgeld te geven:

  1. Je kind leert de waarde van geld kennen en oefenen met rekenen.
  2. Je kind leert keuzes maken in wat van het geld uit te geven en wat te sparen. Want het kan tenslotte maar één keer uitgegeven worden.
  3. Je kind leert te budgetteren en met een bepaald bedrag een periode te overbruggen.

Vanaf wanneer geef je zakgeld?

Het advies van Nibud is vanaf zes jaar, dat is het moment dat ze de waarde van munten kunnen herkennen. Op die leeftijd moet geld echter nog wel rollen en zullen ze het meteen willen uitgeven. Zodra ze ouder worden krijgen ze meer besef dat, als je iets duurders wilt, je moet sparen en het dus loont om niet alles in één keer uit te geven. Onder de zes jaar kunnen kinderen als ze iets willen dat vaak wel vragen voor hun verjaardag of voor Sinterklaas, of krijgen ze het tussendoor omdat het nodig is. Ze hebben nog nauwelijks besef van rages en willen niet iets hebben omdat iedereen het heeft of omdat ze het zelf willen hebben.

Ook viel me op dat veel het over krijgen gemaakt via internetbankieren. Bij zakgeld denk ik nog altijd aan contant geld, maar dit is wel zo handig aangezien we zelf ook eigenlijk geen contant geld meer bij ons dragen.

Als ik om me heen vraag blijkt de leeftijd van vijf jaar een veelgebruikt moment te zijn. Zo was Bianca van plan om met zes te beginnen, maar is haar zoon van bijna vijf heel erg bezig met geld en rekenen dus is dat een goede les. Marguerita is hier ook mee begonnen toen haar dochters vijf jaar waren.

Hoeveel zakgeld krijgt je kind?

Dat verschilt nogal per gezin en per kind. Daarvoor zijn onder andere de volgende factoren afhankelijk;

    • Wat moet het kind kopen van het geld? Bijvoorbeeld alleen extraatjes of ook cadeautjes, of zodra ze naar de middelbare school gaan ook wat lekkers op school. Het is handig om hiervoor samen met je kind een overzicht te maken van wat er allemaal mee gedaan moet worden en hoe hoog dat oploopt.
    • Hoe oud is je kind? Een 6-jarige krijgt minder dan een 11-jarige.
    • Kan er extra zakgeld verdiend worden? Bijvoorbeeld als er gespaard wordt voor iets groots, of als er extra geholpen wordt in het huishouden.
    • Wat is je eigen budget? Als je zelf niet veel hebt te besteden zal dat voor de kinderen ook lager liggen.
    • Hoe vaak krijgt je kind zakgeld? Is dat iedere week, één keer per maand of zelfs per kwartaal (als de kinderbijslag over is gemaakt).
Bron:
* Nibud Kinderonderzoek 2013
♦ Junior monitor 2016 (Wijzer in Geldzaken) https://www.wijzeringeldzaken.nl/platform-wijzeringeldzaken/publicaties/junior-monitor-2016.pdf
Leeftijd Zakgeldbedrag (per week) in €
* 5 jaar 0,50
* 6 jaar 1 – 2
* 7 jaar 1 – 2
♦ 8 jaar 1 – 2
♦ 9 jaar 1,20 – 2
♦ 10 jaar 1,70 – 2
♦ 11 jaar 2 – 2,30

Wat ik wel interessant vind is de methode die Marijke hanteert. Zij is begonnen met zakgeld geven toen haar dochter zes was, zij krijgt nu twee euro per week. Maar dan wel één voor de spaarpot en één voor de portemonnee. Zo leert je kind al direct om te sparen, maar is er ook ruimte om het geld uit te geven. Haar zoon van vier krijgt soms ook al wat zakgeld als de oudste wat krijgt. Maar hij is nog voornamelijk bezig met zoveel mogelijk muntjes te verzamelen.

Voor niets gaat de zon op

Was het maar zo’n feest. Charlotte laat haar zoon iedere week een klusje doen waar hij dan 50 cent voor krijgt; denk aan boodschappen, auto wassen, iets repareren met zijn vader etc. Ze zijn hier op vijfjarige leeftijd mee begonnen omdat ze hem graag jong willen bijbrengen dat je voor geld moet werken en niet zomaar alles gekocht kan worden. Ook Marguerita hanteert deze afspraak. Haar dochters krijgen 50 cent of een euro, maar moeten er wel eerst een huishoudelijk klusje voor doen zoals de plantjes water geven. Ik merk zelf dat mijn eigen dochter daar nu ook heel erg mee bezig is, dat papa werkt zodat we boodschappen kunnen betalen etc. Dat mama ook werkt, maar dan achter de computer, wil er nog niet helemaal in 😉 Het hoeven geen grote klusjes te zijn, en moet aansluiten op de leeftijd van het kind. Maar het is wel goed om alvast aan het principe te wennen. Zodra ze ouder zijn kunnen ze altijd nog een bijbaantje nemen om meer geld te verdienen.

Afspraken rondom zakgeld

Gelet op het bovenstaande is het goed om, zodra je kind zakgeld krijgt, afspraken te maken over hoe of wat. Eventueel kan je zelfs een zakgeldcontract afsluiten met je kind. Daarin bespreek je onder andere:

  1. Het bedrag: Hoeveel geld krijgt je kind (op basis van de criteria).
  2. Tijdstip & Frequentie: Krijgt je kind één keer per week geld, of één keer per maand. Door het geld op een vaste dag te geven (zoals de zondag) leert je kind dat geld opraakt en dat je je uitgaven moet plannen tot het volgende zakgeldmoment. Krijgen ze het ‘zomaar’ of moeten ze er misschien eerst wat voor doen.
  3. Contant of online: Voor kinderen onder de 10 jaar is contant zakgeld het handigst. Vanaf zeven jaar kan je echter wel een betaal- en spaarrekening openen op naam van je kind en bijvoorbeeld afspreken dat daar een deel op gespaard wordt. Vanaf 10 jaar is overmaken een goede manier om ze te leren omgaan met een bankrekening. Via internetbankieren kun je dit geld overmaken of automatisch laten storten.
  4. Bestedingsdoel: Wat moet er van het zakgeld betaald worden en moet er eventueel een deel gespaard worden? Het doel van zakgeld is ook om met geld te leren omgaan, daardoor is het belangrijk dat ze ook de vrijheid krijgen om dat zelf uit te geven. Ook als het aan dingen is die jij niet nodig vindt.
  5. Op is op: Als het zakgeld op is is het op, en zal het moeten wachten tot volgende zakgeldmoment. Door bij te springen leren ze niet dat er grenzen zijn. Eventueel kan je er wel voor kiezen om extra klusjes te laten doen.
  6. Verhoging: Spreek af dat ieder jaar met de verjaardag wordt gekeken of het zakgeld wordt verhoogd of niet. Of met welke verjaardagen dat het geval is.

Kleedgeld & Vakantiegeld & Belgeld

Naast zakgeld kan je er ook nog voor kiezen om kleedgeld en vakantiegeld te geven. Mijn ouders gaven ons vroeger de keuze; of we kleedgeld wilden en dan zelf kleren moesten kopen of dat zij dat voor ons kochten (en dus ook invloed hadden op wat er gekocht werd). Dit kregen we echter niet iedere week maar één keer per maand, omdat je anders ook niet wekelijks nieuwe kleding koopt.

Net zoals je zelf ook vakantiegeld krijgt, kregen we op de vakantie ook geld; een klein bedrag van de oma’s en opa’s en ouders waarmee we dan een ijsje of een activiteit die we heel graag wilden doen konden betalen. Dat ging destijds nog om iets van 5 gulden ofzo. Als je dan trek had in een ijsje en je vroeg daarom werd er naar het vakantiegeld verwezen. Stiekem best wel slim 😉

Nieuw in de huidige samenleving is het belgeld; oftewel hoeveel geld krijgt je kind om te bellen of internetten. Is dat een soort prepaid waarbij geldt op is op, of een abonnement op je eigen naam.

Bron uitgelichte afbeelding Shutterstock

Volgende
Vorige

Comment ( 1 )

  • Ik vind dat wel een goede. De helft in de spaarpot en de helft in de portemonnee. Ik denk dat wij dat ook zo gaan doen.
    Ik dacht ooit ergens gelezen te hebben dat je elk jaar met 25 cent omhoog gaat met het zakgeld. Weet alleen niet meer waar.

Enroll Your Words

CommentLuv badge

To Top
// and these part of the code may be inserted in the end of HTML document of your website to exclude delays in loading of your main content.