Een flink aantal jaren heb ik gewerkt op een peuterspeelzaal als peuterleidster. Ik kreeg kinderen van 2 tot 4 jaar onder mijn hoede en zag hoe ze in die 2 jaar een grote ontwikkeling doormaken. Sommige kinderen kwamen verlegen binnen en hadden grote moeite met het afscheid nemen en loskomen van moeder, daarentegen waren er andere kinderen die bijna letterlijk binnen vielen met een gretige blik in hun ogen “vertel me wat ik allemaal mag leren, alsjeblieft!” Vrijwel iedereen verliet bij mij de peuterspeelzaal met zo’n zelfde hongerige blik richting basisschool “ik ben er klaar voor! Kom maar op!”. Dat laatste half jaar voor ze naar de basisschool gaan is over het algemeen vaak een vrij pittige periode. Daarom kan het fijn zijn om je kind alvast voor te bereiden op deze overgang. Maar wat moet je kind nu ongeveer kunnen voordat het klaar is om naar de basisschool te gaan?

Lees ook: Voorbereiden eerste schooldag basisschool naar de kleuterklas
Lees ook: Waar je aan moet wennen als je kind naar school gaat.
Lees ook: Wat doe je in je vrije tijd als de kinderen op school zitten?
Lees ook: Spullen kwijtraken; tips om nooit meer iets kwijt te raken of terug te vinden 

Voortgang kind monitoren

Zo snel als de ontwikkelingen bij peuters groeien, zo snel gaan ook alle veranderingen en ontwikkelingen binnen de opvang zelf. Naar mijn idee soms zelfs iets te hard. Waar ik zelf liever een peuter zag spelen moest nu “gewerkt” worden door het kind. Aantoonbaar moest het dingen “leren” en zich eigen gaan maken. Zichtbaar als in “op papier”. Er kwamen steeds meer verslagen die ingevuld moesten worden, doelen moesten worden beschreven en behaald worden. Kinderen werden getoetst en gemonitord. Waar scoort het hoog, waar wat minder. Met het gevolg dat er voornamelijk werd gekeken naar elk punt waar iets aan schortte bij het kind. Hierdoor werd er niet altijd in positieve zin naar gekeken als “waar ligt nu de uitdaging om dit kind verder te helpen?”, nee het was vooral “dit kan het kind niet!”. Heel zwart-wit. Dit ging enorm tegen mijn gevoel en ervaring in. Zo wilde ik absoluut niet naar kinderen kijken. Er gebeurt zo ontzettend veel binnen die twee jaar dat ze peuter zijn, zien ze dat dan allemaal al niet meer?

In één van mijn vorige blogs heb ik al beschreven wat de voordelen zijn van peuters die op een peuterspeelzaal zitten. Dit kan natuurlijk een enorme stimulans zijn van de ontwikkeling van het kind, en het wordt er absoluut sterker van en zelfverzekerder. Maar we moeten niet doorslaan en het kind vooral spelenderwijs laten ontdekken en geen speelzaal inrichten met rijen tafeltjes en stoeltjes waar alle kinderen toetsen moeten invullen achter elkaar. Gelukkig is het zo erg nog niet!

In peutergroepen wordt er bewust voor bepaalde programma’s gekozen in plaats plompverloren verschillende thema’s behandelen en er dan maar vanuit gaan dat de kinderen na drie weken aan een thema gewerkt te hebben dan ook ineens kunnen tellen bijvoorbeeld, of nu ineens voor hun leven lang alle primaire kleuren weten. Zelf ben ik er nog steeds van overtuigd dat kinderen altijd willen leren, dat ze daar op hun eigen tempo echt altijd wel klaar voor zijn, maar het moet ten alle tijden aansluiten bij de belevingswereld van het kind zelf! Dan is het kind geïnteresseerd en gemotiveerd genoeg om met het aanbod aan de slag te gaan.

Sociale ontwikkeling

Wat ik persoonlijk als moeder zijnde vooral heel belangrijk vond wat mijn kinderen moesten kunnen toen ze 4 jaar werden, is loskomen van mij.

  • Dat ze zich ook veilig en vertrouwd genoeg voelden om bij een andere volwassene te zijn en niet meteen in paniek schieten als ze eens een standje krijgen of hartverscheurend elke ochtend bij de deur van de klas staan te huilen.
  • Dat ze het vertrouwen hebben weer opgehaald te worden.
  • Dat het leuk en gezellig is in de klas.
  • Dat er nog meer kinderen in de klas zitten en dat jullie samen een groep zijn.
  • Dat je samen mag spelen en vriendjes bent van elkaar.
  • Dat je dingen mag vertellen aan elkaar.
  • Dat je je vrij voelt om over dingen te praten die je hebt meegemaakt.
  • Dat je rekening houdt met anderen. Je bent niet alleen in de klas dus zorg ervoor dat het kind naast je geen last heeft van jouw spel. Wees niet te luidruchtig, praat rustig zonder te schreeuwen.
  • Dat je leert wachten op je beurt.
  • Dat je voor jezelf kan opkomen. Is er een kind vervelend naar jou? Zeg het duidelijk tegen die persoon en ren niet meteen naar de juf, maar probeer eerst zelf een situatie op te lossen.
  • Als juf vond ik het altijd belangrijk dat een kind zichzelf durfde te zijn binnen een groep. Dat je het ook durft aan te geven als je iets moeilijk vindt of niet zo leuk vindt. Dat dat gevoel er ook mag zijn.

Zelfredzaamheid

  • Je op tijd kan aangeven dat je naar de wc moet en jezelf weer je broek kan ophijsen, billen veegt, doortrekt en handen wast.
  • Ben je gevallen maar je kan zelf nog opstaan? Dat je niet blijft wachten tot de pedagogisch medewerker je eindelijk ziet en opraapt.
  • Dat ze weten wat ze moeten doen als ze moeten plassen. Hoe je je handen wast na toiletgebruik.
  • Hoe je je kleding makkelijk en snel aan en uit kan doen als je gymkleding aan moet trekken.
  • Dat je zuinig kan omgaan met materiaal, geen dingen kapot maken, en met het knutselen de lijmpotjes en verfbakjes niet volledig leegmaakt.

Ik heb ook ooit bij een kleuterklas stage gelopen en daar begon de maandagochtend zeer hectisch met een overvolle klas. Deze groep moest de ochtend beginnen met een gymles en er waren nog heel veel kinderen die zichzelf niet konden omkleden. De juf zag het niet zitten om alle 28 kinderen alleen om te kleden dus bleven alle ouders in de klas helpen hun eigen kroost in sporttenues te hijsen. Maar ja, die ouders gingen naar huis en na de gym moest er weer worden omgekleed. Hierdoor was er nauwelijks tijd over voor andere dingen, er werd in de kring nog wat gegeten en gedronken (we zaten toch al in de kring). Daarna mochten ze nog wat in de hoeken spelen, maar daarna was de ochtend alweer om. En dat terwijl het gymuurtje effectief maar 3 kwartier was! Daarom is enige zelfredzaamheid wenselijk is. En dan gaat het om basisvaardigheden zoals zindelijk zijn, zelf billen af kunnen vegen en om kunnen kleden.

Op de site van Heutink staat een mooie beschrijving wat een kind ongeveer zou moeten weten.

Lees ook: Activiteiten om zelfstandigheid bij peuters en kleuters stimuleren

Kan een kind geweigerd worden op een basisschool?

Ja dat kan, als het echt nog niet zindelijk is zou dit een reden kunnen zijn voor een school om het kind te weigeren.

Praktische tips om je kind voor te bereiden op de basisschool

Echte toelatingseisen bestaan er gelukkig niet. Toch wel een aantal aandachtspunten die het kind onder de knie zou moeten hebben.

  • Het is bijvoorbeeld prettig als een kind al over een redelijke woordenschat beschikt zodat het een gesprekje kan voeren en dan ook verstaanbaar kan praten. Dat het kan luisteren naar opdrachtjes en begrijpt wat er van hem of haar, na het geven van een opdracht, verwacht wordt.
  • Vraag wanneer er gym wordt gegeven en pas daar de kledingkeuze voor die dag op aan. Geef het makkelijke kleding aan, die het kind zelf makkelijk aan en uit kan trekken en als het kind nog moeite heeft met veters strikken laat het dan die dag op klittenbandschoenen of instappers naar school gaan.
  • Leer het kind thuis al zijn of haar naam herkennen. Voor de pauzehap moet vaak een broodtrommeltje met fruit en wat te drinken mee genomen worden. Laat je kind thuis alvast oefenen met het openen en sluiten van de trommel en de verpakkingen en zorg ervoor dat het kind zijn eigen trommeltje herkent met de naam erop.

Lees ook: Eerste schooldag; Tips om je kind voor te bereiden op de kleuters / basisschool

Heeft een kind een voorsprong als het naar een peuterspeelzaal of opvang is geweest?

Bij de peuterspeelzaal of kinderopvang wordt er over het algemeen toegewerkt naar de doelen van begin groep 1. Zeker de kinderen die naar een voorschoolse educatie gaan worden nauwlettend in de gaten gehouden in hun ontwikkelingen op alle gebied.

Is je kind tot zijn vierde jaar thuisgebleven dan hoef je niet in de paniek schieten. Je kind heeft dan niet per definitie een achterstand op de rest. Zeker niet als je het zelf ook vaak genoeg stimuleert om dingen zelf te doen. Bijvoorbeeld door af en toe met je kind te knutselen of te oefenen hoe het met een schaar om moet gaan of met een prikpen om een werkje uit te prikken. Al oefenen ze dat ook op school. Daarnaast is het goed om veel te praten tegen je kind, bijvoorbeeld als je samen boodschappen gaat doen de dingen benoemen die je onderweg tegenkomt of samen een boodschappenlijstje te maken. Hoeveel appels gaan we kopen? Hoeveel broden? Wil je groene of gele bananen? Op die manier leert je kind ook al wat basis van het tellen. Op deze manier leert je kind waar dan ook, ongemerkt heel erg veel. En pikt het op school ook sneller dingen op.

Lees ook: Naar school; spannend voor moeder of kind?

Ieder kind heeft een eigen tempo

Tot slot is het belangrijk om dan het kind goed in de gaten te houden. Moeheid staat dicht om de hoek, het is zeer intensief, zoveel indrukken. Is je kind hangerig en heeft het eigenlijk al geen puf om tussen de middag de boterham goed naar binnen te krijgen? Houd het dan lekker thuis! Af en toe een middagje vrij is geen probleem. Overleg met school. Een oververmoeid kind leert niks en het is voor niemand fijn, niet voor de leerkracht en zéker niet voor het kind.

Lees ook: Tip voor een geslaagd 10 minutengesprek met de juf op de basisschool.

Toddler dressing stockphoto from Shutterstock / famveld

Isabell

Mijn naam is Isabell, ik ben 42 jaar, getrouwd en heb 3 kinderen. Twee jongens en een meid.
Na vele jaren gewerkt te hebben als pedagogisch medewerker op een peuterspeelzaal ben ik voor mezelf begonnen als creatief ondernemer.
Ik haak en maak van alles wat en deze producten verkoop ik via mijn ETSY shop. Vaak zijn dit kleine items wat leuk weg te geven is als een uniek presentje maar ook maak ik enkele grote items die in en om het huis gebruikt kunnen worden.
Daarnaast vind ik het erg leuk om in de keuken het een en ander uit te proberen. Liefst zo gezond mogelijk, zonder suiker en andere meuk. Zelf in de keuken staan of een recept samen met mijn kind(eren) uitproberen is dus best een passie te noemen. En dan is er nog een passie (en dat is de reden dat je mij hier vindt) namelijk schrijven. Vooral over wat ik met mijn kinderen meemaak, daar schrijf ik graag over en dit deel ik graag met jullie.