Voordat ik moeder werd had ik natuurlijk een voorstelling van hoe dat zou zijn en hoe ik dat zou doen. Welke dingen ik wel of juist niet zou doen. Maar als het dan zo ver is, merk ik toch dat ik sommige dingen anders aanpak dan ik van tevoren had bedacht. Ineens begrijp ik waarom ik andere moeders bepaalde dingen zag doen. Bepaalde dingen vind ik achteraf niet zo erg, maar voor andere dingen schaam ik me een beetje en eigenlijk vind ik dat ik dat toch anders moet doen. Mijn top vijf in omgekeerde volgorde:

Lees ook: Fantasiespel peuters en kleuters; doen alsof 

5. Onverzorgd de deur uit

Ik weet niet hoe andere moeders dat doen, ik krijg het niet meer voor elkaar. Mijn haar doen, dat lukt nog wel, maar de keren dat ik make-up op heb gedaan het afgelopen jaar zijn op twee handen te tellen. En de wallen krijg ik sowieso niet weggewerkt. Dat terwijl ik voorheen echt wel dagelijks make-up droeg.
Gelukkig kan ons mannetje zich wel steeds beter zelf vermaken en krijg ik langzaam iets meer tijd voor mezelf. Ik weet nog die eerste maanden waarin letterlijk twee minuten douchen nauwelijks lukte, dat is dan toch wel een stuk verbeterd. En ik troost me maar dat mijn kind zo schattig is dat ze mij niet eens zien.

4. De hele tijd over mijn kind praten (lees: opscheppen)

Dat brengt me bij het volgende punt, ik wist niet dat ik zo’n opschepper was. Mijn moeder schept ook nog steeds enorm over mij op, wat ik wel lief vind, maar ook wat overdreven. Ik ben bang dat ik precies zo’n moeder word. Maar dan wel doen alsof ik niet probeer op te scheppen. Zo van: “Hoe doen jullie dat, hij kan zich ineens optrekken en hij valt steeds.” Of: “Ja, hij is nog geen tien maanden maar hij loopt al bijna. Van mij hoeft het nog niet zo, maar hij heeft overal haast mee.”
Het helpt ook niet dat ik niet zoveel andere dingen meemaak dan zijn ontwikkeling. En tja, hij is ook wel echt mooi en sterk en vlot met van alles, ik geloof ook objectief gezien, maar niemand zal het me vertellen als dat niet zo is.

3. Erg beschermend zijn voor mijn baby

Voordat ik kinderen had wilde ik elke baby graag knuffelen. Ik vroeg dat lang niet altijd, maar een kind dat de kamer rond gaat, bij verschillende mensen op schoot, dat leek normaal. Toen ik het eens vroeg aan een moeder die ‘nee’ zei, zat ik daar nog wel een beetje mee. Had ik het niet zo snel moeten vragen? Had ik het überhaupt niet mogen vragen?

Nu begrijp ik het helemaal! Een kleine baby kan het zelf niet aangeven, ik moet zijn grenzen bewaken. Zorgen dat hij niet overprikkeld raakt, rustig kan wennen aan de buitenbuikse wereld, voldoende slaapt. We merkten al snel dat we een gevoelig mannetje hadden dat nog lang van slag kon zijn bij nieuwe indrukken, te weinig slaap, etc. In het allereerste begin hielden alleen mijn man en ik hem vast, later ook de oma’s (de opa’s durfden zelf nog niet) en daarna (na een maand of wat) alleen mensen die heel dichtbij stonden.

Achteraf heb ik gehoord dat daar opmerkingen over waren gemaakt, dat het bezitterig of afstandelijk van ons (mij) zou zijn. Maar ik had ineens de grootste verantwoordelijkheid ooit, en ik maakte me even niet zo druk over wat mijn bezoek al dan niet zou willen (zeker als ze dat zelf niet aangeven). Later is dat nog wel uitgesproken en ik heb het gelukkig nauwelijks meegemaakt dat mensen aan mijn baby komen zonder dat ik dat wil.
Ondertussen ben ik er best ontspannen in, want hij kan veel meer aan. En hij kan het prima aangeven als hij iets niet wil ☺

2. Mijn kind negeren in gezelschap

En als je dan eindelijk eens een andere volwassene ziet, dan ben je wel toe aan een echt gesprek. Ik kijk de hele dag al naar mijn kind en nu hij iets groter is, heb ik het liefst dat hij zichzelf dan een beetje vermaakt. Wat hij al best wel kan. Alhoewel ik natuurlijk wel op hem let, en ook van hem blijf genieten, ook tijdens een gesprek. Maar ik merk dat ik toch beter ben in hem negeren dan ik van tevoren had gedacht. Ik ben benieuwd hoe dat is als hij gaat praten en me steeds iets wil vertellen als ik in gesprek ben. Ik vond altijd dat kinderen niet zo genegeerd moesten worden, maar ik ben bang dat ik dat toch zal doen.

1. Teveel op mijn mobiele telefoon zitten

En dan wat mij betreft de ergste: ik zit veel en véél teveel op mijn mobiele telefoon. Ja, vaak is het zinnig, zo werk ik op mijn telefoon, schrijf ik deze gastblogs en regel ik allerlei zaken. Maar ik kijk er ook tv-programma’s op, app en mail continu en zoek minder belangrijke dingen op. De kans is groot dat je denkt, is dat zo erg?
Tijdens voedingen doe ik het niet. In het begin vooral uit overtuiging: ik heb begrepen dat oogcontact heel belangrijk is tijdens de (borst-)voeding voor de hechting. Nu doe ik het vooral niet omdat hij het direct door zou hebben en afgeleid zou raken. Maar wel zodra hij slaapt, en ook best vaak als hij wakker is, ook bijvoorbeeld als we zitten te eten (want dat duurt láng met baby’s).

Lees ook: Hechting moeder en kind; bevorderen en kenmerken veilige hechting moeder vader en baby

Naast dat ik geen beeldschermverslaafde kleuter/schoolkind/puber wil en dus een beter voorbeeld wil geven, en zo’n kleintje niet wil overprikkelen met beelden en wel zoveel mogelijk probeer te zorgen dat hij niet mee kan kijken, schijnt het beeldschermgebruik van ouders ook al op jonge leeftijd (negatief!) effect te hebben. En ik merk het ook al aan hem.

Kinderen voelen het haarscherp aan of je aandacht echt bij hen is of niet. Er is al wetenschappelijk onderzoek naar gedaan en kinderen die oud genoeg zijn om het te kunnen vertellen, geven aan dat ze er last van hebben. Jongere kinderen hebben meer driftbuien naar mate de ouders meer gepreoccupeerd zijn met hun beeldschermen. Alle reden dus om te stoppen of in elk geval te minderen.

Maar ik ben zelf verslaafd, ben ik bang. En ik verschuil me achter allerlei argumenten: hoe en wanneer moet ik dan werken? Het meeste doe ik toch tijdens de slaapjes? Mag ik ook wat voor mezelf doen? Als hij aan het spelen is, heeft hij er dan echt last van? Het schrijven van deze blog geeft wel weer een nieuwe impuls om er goed over na te denken en wellicht het tij te keren voordat het teveel negatieve invloed heeft.

Wat doe jij nu toch wel waarvan je dacht dat je het nooit zou doen?

Mother baby in bed with smartphone stockphoto from Shutterstock / monkey business

Hanna

Ik ben begin dertig, getrouwd, trotse mama van een kleine knuffelkont/dondersteen ('18). Mijn achtergrond is in de ontwikkelingspsychologie en ik heb ervaring in het onderwijs. Ik zit momenteel in de luxe positie dat ik thuis kan zijn bij mijn mannetje. Vanuit huis klus ik wat bij als vertaler en blogger. Ik hou van weetjes, gadgets en verdiep me graag in maatschappelijke vraagstukken.
Hanna