In het najaar van 2012 was ik twee weken op vakantie in Boedapest, waarover ik eerder zeer uitgebreid heb geschreven. Zoals jullie inmiddels wel van mij gewend zijn, vind ik het fijn om vanuit zo´n grote stad de omgeving te verkennen. Dat heb ik ook vanuit Boedapest gedaan. Steden als Esztergom, Visegrad en anderen zijn prima te bereiken met het openbaar vervoer. Sommige steden kun je ook per boot bereiken, wat natuurlijk extra leuk is. Zo kun je een excursie boeken vanuit Boedapest naar de zogenaamde Donauknie of Donaubocht. Hierbij doe je een aantal mooie stadjes aan: Esztergom, Visegrád en Szentendre. Szentendre kun je op verschillende manieren bereiken: met de boot vanaf Vígadó tér, met de trein vanaf Battyány tér en met de bus vanaf Árpád híd. Zelf ben ik per trein gegaan. Szentendre is de hoofdstad van het district. De naam van de stad is afgeleid van de Sint-Andreaskerk die hier in de middeleeuwen werd gebouwd. Szentendre ligt 20 km ten noorden van Boedapest. Het stadje heeft grillige hellingen, krappe steegjes en bontgekleurde huizen. Het heeft een mediterrane sfeer.

Lees ook: Bratislava; bezienswaardigheden en uitjes
Lees ook: Wat te doen? Tips leukste uitjes & kastelen in omgeving Bratislava Slowakije 

Geschiedenis Szentendre

Het gebied rond Szentendre werd al bewoond in het stenen tijdperk. Opgravingen in de stad onthullen 20.000 jaar oude nederzettingen. Later vestigden zich verschillende volkeren. Onder Romeinse keizer Augustus veroverden de Romeinen de regio in de 1e eeuw na Christus. Zij bouwden er een fort en een kamp met begraafplaats. In de 5e eeuw migreerden er zoveel mensen naar dit gebied, dat de kampen en uitkijktorens in de buurt van de nederzetting vernietigd werden.
Het gebied waar Szentendre nu is, was onbewoond toen de Magyaren arriveerden. In de 9e eeuw vestigde zich hier de metgezel van Árpád, de prins Kurszán. Hij vernieuwde het Romeinse fort dat in verval was geraakt en herstelde een nederzetting op de overblijfselen van de Romeinse gebouwen.

Nadat de Ottomanen uit het gebied werden verdreven, trokken buitenlandse kolonisten naar de nederzetting. Tegenwoordig is de welvaart van de stad uit deze tijd te zien in de barokke stijl van de huizen, de mediterrane sfeer van de architectuur van de stad, de prachtige kerken, de geplaveide straten en de smalle steegjes. Tijdens de Grote Turkse Oorlog werden de Serviërs uitgenodigd om naar Hongarije te emigreren om het Ottomaanse rijk te ontwijken. Vanwege deze uitnodiging was er in 1690 een massale emigratie van Serviërs naar de regio Szentendre. Deze Serviërs hebben blijvende sporen nagelaten in het stadsbeeld en zijn cultuur. Hoewel de Ottomanen de bevolking van de regio hadden gedecimeerd, begon de bevolking, vanaf 1690, langzaam te stijgen en kreeg het in 1872 stadsrechten.

Het kalme provinciale leven van de stad heeft sinds het begin van de 20e eeuw kunstenaars aangetrokken. De kunstenaarskolonie Szentendre is in 1929 ontstaan. De zogenaamde Szentendre-school is hiermee verbonden. Tegenwoordig wonen meer dan tweehonderd kunstenaars, auteurs, dichters, musici en acteurs in de stad net zoals in Montmartre in Parijs.

Vanwege de historische architectuur en de goede bereikbaarheid via het spoor en de rivier, is het een populaire bestemming geworden voor toeristen die in Boedapest verblijven. Er zijn ook veel souvenirwinkels, restaurants, koffiehuizen, winkels en boetieks. De meeste oudere gebouwen stammen uit de 18de eeuw. De orthodoxe traditie is goed te zien in deze stad. Onder andere: Blagovestenskakerk, Belgradokathedraal. Ook het Museum voor Servische kunst met iconen en andere religieuze objecten. Verder is er (3km lopen) het Hongaars Openluchtmuseum, een etnografisch museum gewijd aan de boerenarchitectuur en –cultuur van ongarije in alle maatschappelijke klassen van de 18de tot 20ste eeuw.

Het barokke karakter van het stadje is grotendeels te danken aan de Serviërs die in de 18e eeuw moesten vluchten voor de Turken. Ongeveer 5000 Serviërs vestigden zich hier. Nu wonen er nog ongeveer 150 afstammelingen van hen in de stad.

Fő tér

Aan het Fő tér staan alle gebouwen op de monumentenlijst; ze vormen een bonte verzameling van stijlen en kleuren. De meeste gebouwen zijn in barok- of rococostijl gebouwd. In het midden staat een pestzuil uit 1763, die er neergezet is als dank voor het einde van de pestepidemie. Het heeft een bewerkt smeedijzeren kruis. In de huizen, de meeste met één verdieping, woonden welvarende kooplieden en handwerkers. Nu zijn er winkels, boetiekjes en cafés in gehuisvest.

Ook op het hoofdplein is de kerk van de Annunciatie, één van de Servische kerken. De Maria-Verkondigingkerk werd gebouwd in 1752-1755.

In de orthodoxe kerken is het festival “Annunciatie van het goede nieuws ” één van de twaalf belangrijkste festivals. “Vandaag is het begin van onze redding en onthult het mysterie van de eeuwigheid. Gods zoon wordt een maagdelijk kind en Gabriël levert het goede nieuws van genade. Met hem roepen we tot de Goddrager: ‘Wees blij, barmhartige! De Heer is met u. ” Een pictogram dat de scène van de Annunciatie afbeeldt, is meestal bevestigd aan de koninklijke deur van de iconostase; uit deze deur wordt het Evangelie verkondigd. De prachtige kerk combineert Byzantijnse kunst met rococo – en Zopf stijl-ornament. De iconostase is geschilderd in rococostijl door Michael Zivkovic, een Servische icoonschilder uit Buda.

Ferenczy Károly Múzeum

Vlak ernaast is het Ferenczy Károly Múzeum met werken van de kunstenaarsfamilie Ferency. Károly Ferenczy (8 februari 1862 – 18 maart 1917) was een Hongaarse schilder. Hij was één van de vele kunstenaars die aan het eind van de negentiende eeuw naar München gingen voor studie, waar hij gratis lessen bijwoonde van de Hongaarse schilder Simon Hollósy. Bij zijn terugkeer naar Hongarije hielp Ferenczy de kunstenaarskolonie in 1896 op te bouwen. Ferenczy wordt gezien als de grondlegger van de moderne Hongaarse schilderkunst. Hij is verzameld door de Hongaarse National Gallery, die 51 van zijn schilderijen bezit, maar uiteraard ook door het Ferenczy Károly Museum, in zijn geboorteplaats Szentendre.

Margit Kovács

Achter de kerk vindt men de verzameling keramiek van de kunstenares/beeldhouwer Margit Kovács (1902-1977), die in haar werk traditionele volkskunst met moderne elementen combineerde en overwegend vrouwenfiguren schiep. Oorspronkelijk wilde ze grafisch kunstenaar worden, maar in de jaren twintig raakte ze geïnteresseerd in keramiek en ging in 1926-1928 in Wenen studeren bij Hertha Bücher, een beroemde Oostenrijkse keramiste. Daarna studeerde ze kleimodellering in München aan de Staatsschool voor Toegepaste Kunsten onder Karl Killer (1928-29). Ze won internationale prijzen in Milaan, Parijs, Berlijn, Brussel en Rome. Ze was erg populair in Hongarije en ontving veel openbare commissies. Het communistische regime gaf haar een Award in 1959.

Burchtheuvel

Op het plein gaan trappen omhoog naar de burchtheuvel (várhegy) waar de fraaigekleurde 13e-eeuwse parochiekerk staat. Deze kerk is aan de Heilige Johannes de Doper gewijd. In deze kerk vind je de oudste zonnewijzer van Hongarije en hij functioneert nog steeds.

De Servische kerken stammen uit het midden van de 18e eeuw. Het geprivilegieerde Servische handelsverbond was tot volle bloei gekomen en had haar leden rijk gemaakt. Zij richtten ook het genoemde Koopmanskruis op het Fö tér op. Het silhouet van de stad werd destijds bepaald door zeven hoge klokkentorens. De kerken hebben een laatbarokstijl met elegante rococoportalen; weelderige iconostasen, marmeren altaren en een tweedeling in een mannen- en vrouwenkerk.
De meeste Servisch-orthodoxe Kerken kregen de naam van de plaats waar de stichters vandaan kwamen. De weelderigste is de Belgradokerk. Deze bisschopskerk staat aan de noordzijde van de Alkomány utca, met een fraai rococoportaal en een iconostase uit 1780 van rijk houtsnijwerk. Er is een museum van Servische kerkelijke kunst in gevestigd.

Pozarevackakerk

Van het centrum naar zuidelijke richting, naar het HÉV-station, kom je bij de barokke Pozarevackakerk, een in 1763 gewijde Grieks-katholieke kerk met een prachtige iconenwand en gebouwd in Byzantijnse stijl. Ten noorden van het Fö tér, aan de Dumtsa Jenő utca, staat de in 1740 gebouwde Grieks-orthodoxe Preobrazenska, misschien wel dé mooiste kerk in Szentendre. Vanaf dit plein gaan trappen omhoog naar het Templom tér (Kerkplein), waaraan de gele parochiekerk staat.

Szabó Marsepein Museum

Het Szabó Marsepein Museum in het centrum biedt marsepein in elke denkbare vorm. Het is één van de kleinste museums van het land. Van chocola en marsepein zijn portretten en beelden gemaakt. Je kunt ter plaatse zien hoe vaardige handen marsepein omtoveren in een eetbaar kunstwerk. Daarnaast is er een tentoonstelling van bekende personen en stripfiguren in chocola en marsepein. Bijvoorbeeld het complete Hongaarse parlement in chocola, of Mozart achter een vleugel.

Het Szentendre eiland is 31 kilometer lang en je kunt er heerlijk recreëren. Per pont kun je ernaartoe. Bij Tahi is een brug naar het eiland. Er zijn vier plaatsjes op het eiland en Kisoroszi is het drukst bezocht, vooral vanwege de golfbaan.

Meer informatie vind je hier.

Nationaal wijnmuseum

Het museum en winkel vind je in de grotten onder het huis. Het heeft een constante temperatuur van 16 graden. Je krijgt Hongaarse wijnen te proeven en je krijgt bij elke wijn uitleg. Tussendoor kun je wat stukjes brood nemen die klaar staan op een schaal.

Meer informatie vind je hier.

Openlucht Etnografisch Museum

Het Openlucht Etnografisch Museum ligt op een voormalig Romeins landgoed, gebouwd in de derde eeuw na Chr. De Villa Rustica Szentendre Skanzen, is één van de belangrijkste archeologische opgegraven Romeinse landgoederen. De toegankelijke fundamenten van het hoofdgebouw van de Villa Rustica liggen ongeveer 4,5 kilometer ten noordwesten van het Romeinse fort Szentendre in de buurt van de Szabadságbron. In de Romeinse tijd leidde een weg over het Pilisgebergte langs het landgoed naar de Donauvallei. Het herenhuis van Szentendre-Skanzen is de grootste in zijn soort in Hongarije. In 1981 werd een internationale stichting opgericht om de oorspronkelijke fundamenten te behouden.

Je vindt hier landelijke boerderijen en landhuizen en typische regionale kerken, kapellen die op een schaal van 1:1 gebouwd zijn. De meeste gebouwen documenteren het Hongaarse leven van de 18e tot het midden van de 20e eeuw. De meeste kamers zijn ingericht met regionaal typische meubels. In sommige gebouwen is het museumpersoneel deels aanwezig in oude kostuums om geïnteresseerde bezoekers kennis te laten maken met het leven van toen. In sommige huizen werden typische, voor zichzelf sprekende scènes uit het landelijke leven gebouwd. Dus bijvoorbeeld een bruiloft, met de Hongaarse muziek. Ook erg leuk met kinderen, want die mogen vaak meedoen! De servicevleugel van een voormalig Hongaars-Duitse hoeve gebruikt men sinds 2012 als een documentatiecentrum voor de uitzetting van de grootste Hongaarse minderheid, door de Duitsers in 1946. De replica van een Hongaarse goederenwagon staat voor het onwaardige lot van de ontheemden. Veel Hongaren werden onteigend en gedeporteerd om gedwongen te werken in de Sovjet-Unie. Er is een historische bakkerij waar je bakkerijproducten kunt kopen die op traditionele manier zijn gemaakt. In een historische kelder van een Mád-koopmanshuis uit de noordelijke hooglanden worden Hongaarse wijnen geserveerd.

Het museum heeft ook een groot etnografisch studiecentrum, dat het einde van de spoorlijn van het museum markeert. In het midden van het museumgebied ligt één van de grootste opgegraven Romeinse villa’s in Hongarije. Naast de Villa Rustica is een openluchtpodium – het amfitheater – opgezet voor ongeveer 800 personen. Hier zijn regelmatig folkloristische voorstellingen, concerten of theatervoorstellingen.

Sinds 2009 verbindt een trein de verschillende museumregio’s met meer dan 2,2 kilometer aan vijf haltes en is toegankelijk via platforms die zijn ontworpen voor gehandicapten. Als onderdeel van de spoorwegconstructie werd een replica van het station van Mezőhegyes van de Grote Vlakte in Skanzen gebouwd en ook in 2009 ingewijd. Een herbouwde graanschuur van een landhuis uit Noord-Hongarije dient als een documentatiecentrum voor de ontwikkeling van de spoorlijn in Hongarije, die begon met de modernisering van het land.

Het openluchtmuseum heeft tegenwoordig vier kerken, waarvan sommige van groot cultureel-historisch belang zijn. Dit zijn de Grieks-katholieke houten kerk Mándok en de laatgotische hervormde kerk uit Mand. Het is mogelijk om huwelijksceremonies en -diensten in de kerken te houden. Naast de kerken zijn op het museumterrein verschillende heiligdommen en een kruisboog herbouwd. Daarnaast zijn er verschillende begraafplaatsrepresentaties van verschillende christelijke geloven met hun regionale manifestaties van het geloof en de gedachten van de boerenbevolking.

Meer informatie vind je hier.

Astrid

Hoi, ik ben Astrid, bouwjaar 1983. Ik heb de lerarenopleiding geschiedenis en Mens & Maatschappij gedaan en lesgegeven op middelbare scholen in de vakken geschiedenis en aardrijkskunde. Mijn hobbies zijn lezen, reizen en alles wat met kunst en geschiedenis te maken heeft. Verder volg ik graag sport, zoals tennis, turnen en voetbal.
Ik schrijf voor Mamaliefde een wekelijkse reisblog over reizen en uitstapjes die ik zelf gemaakt heb, met de speciale nadruk op kunst en geschiedenis. Ook verzorg ik de taal van alle blogs die gepubliceerd worden.
Astrid

Latest posts by Astrid (see all)