In de zomer van 2017 was ik op vakantie in Dresden. Hierover heb ik ook een blog geschreven. Hierin had ik het al kort over de stad Meißen, dat met de S-Bahn (een regionale trein) of de boot niet ver van Dresden af ligt. Deze stad is internationaal vooral zeer beroemd vanwege de productie van porselein, maar er is meer te beleven. Door de prachtige karakteristieke huizen met rode daken in de Altstadt en de Burgberg met het kasteel en de domkerk op de achtergrond, is het misschien wel de best bewaard gebleven kleine stad van Saksen. Loop over de brug naar de Altstadt, met in het hart de gezellige Markt met zijn statige woonhuizen, de stadsapotheek en het 15de-eeuwse Rathaus. Je kunt hier kiezen uit zeer veel gezellige terrasjes en restaurantjes. Kortom genoeg om over te schrijven en genoeg redenen om hier eens naar toe te gaan!

Kasteel Albrechtsburg

De nederzetting begon bij een bocht in de Elbe en wordt aan het einde van de 9e eeuw voor het eerst vermeld. Op de burchtheuvel werd in de dertiende eeuw een gotische kathedraal gebouwd, die in de negentiende eeuw met twee bijzondere torens versierd werd. Aan het einde van de vijftiende eeuw werd daar de Albrechtsburg naast gebouwd, het eerste niet als vesting gebouwde kasteel van Duitsland, bedoeld als residentie voor de hertogen van Saksen. In 1710 begon Johann Friedrich Böttger in de Albrechtsburg met de fabricage van het beroemde Meissener porselein.

De Albrechtsburg is door hertog Albrecht van Saksen gebouwd tussen 1471 en 1525. Vanwege de opvallende ligging boven de stad wordt de burcht ook wel ‘Acropolis van Meissen’ genoemd. Het kasteel is in gotische stijl gebouwd, maar je ziet ook duidelijk kenmerken van de renaissancestijl. Het is een indrukwekkend gebouw. Alle verdiepingen onder de dakrandlijn zijn gewelfd, een specialiteit in de Duitse kasteelbouw. Ondanks dat de bouw veel geld gekost had werd de Albrechtsburg niet vaak als residentie gebruikt. Sinds ongeveer 1700 was het ook geen bezit meer van de hertogen van Saksen. Daarna kwam er de porseleinfabriek. Tijdens de Zevenjarige Oorlog ging het slecht met de fabriek; Frederik de Grote liet een aantal werknemers afvoeren naar Berlijn. In 1773 brak er brand uit in het slot. De productie werd na acht dagen weer begonnen. In 1809 was de economische situatie zo slecht dat er sprake was van sluiting van de fabriek.

Na 1863 is het slot gerestaureerd en kregen alle belangrijke ruimten muurschilderingen met daarop de geschiedenis van Saksen. Deze schilderingen werden bekostigd uit de Franse herstelbetalingen na de Frans-Duitse Oorlog van 1870-1871. Een aantal van de muurschilderingen gaan over de rol die Albrecht van Saksen speelde in Friesland en Groningen. In het museum wordt verteld over de geschiedenis van de porseleinfabricage. Even voorbij de Burg heb je een schitterend uitzicht over de Altstadt, de rivier de Elbe en de groene omgeving. Uiteraard is het een must om het Porzellan Manufaktur & Museum te bezoeken. Dat kan met een combikaartje Albrechtsburg.

Grote delen van de eerste verdieping worden ingenomen door twee zalen. De centraal gelegen hal, waarlangs de hoofdtrap van de Grote Traptoren uitkomt, werd af en toe gebruikt als de grote balzaal van het kasteel. Het was niet te verwarmen en werd in het dagelijks leven gebruikt als een communicatieruimte tussen de omliggende trappen en kamers, die ook een kapelkamer omvat.
De Noordkamer was de rechtszaal die werd verwarmd door een grote tegelkachel, waar twee keer per dag het hele mannelijke hof, inclusief de prinsen, bijeen kwam voor de hoofdmaaltijden. Tussen de twee kamers is er een muziekgalerij boven de verbindingsdeur.
Rond deze twee grote gebieden zijn drie afzonderlijke appartementen gegroepeerd als woon- en kantoorruimtes. Ook op de tweede verdieping zijn nog wat mooie ruimtes te bekijken.

Meer informatie vind je hier.

Dom van Meißen

De Dom van Meißen is een protestantse kathedraal. Het is een indrukwekkend kerkgebouw. Samen met de Albrechtsburg vormt de domkerk een bijzonder mooi geheel dat zich op de Burgberg boven de oude binnenstad van Meißen verheft. De kerk is gebouwd in Duitse gotiekstijl. Het bisdom Meißen werd gesticht door koning Otto I in het jaar 968. Tot 1581 was de kathedraal de zetelkerk van de rooms-katholieke bisschoppen van Meißen. In 1581 werd de dom een luthers kerkgebouw. Het katholieke bisdom Dresden-Meißen heeft zijn kathedraal sinds 1980 in Dresden.

Rond 1260 werd met de bouw van de dom als gotische hallenkerk begonnen. De bouw duurde tientallen jaren. Het kerkschip was af in 1410. In 1413 werd de westelijke voorkant met beide torens door een blikseminslag verwoest. Daarna had de domkerk nog maar één toren. De beide 81 meter hoge torens van de westelijke gevel werden tussen 1903 en 1909 gebouwd. Markgraaf Frederik liet in 1425 de Fürstenkapelle als nieuwe grafkapel voor de leden van het Huis Wettin bouwen. De Vorstenkapel heeft een rijk versierd netgewelf uit halverwege de 15de eeuw. Frederik heeft een bronzen tombe. In de dom zijn nog 164 andere grafmonumenten aanwezig.

In de dom vind je stenen beelden van de stichters en de patroonheiligen van de kerk, gemaakt rond 1260. Bijvoorbeeld keizer Otto I (regering 936-973) en zijn vrouw Adelheid van Bourgondië, die samen het bisdom Meißen stichtten, en Johannes de Evangelist en Donatus, bisschop van Arrezo. Belangrijk zijn ook de beelden van Johannes de Doper, Maria met het Kind en dat van de diaken Stefanus in de Johanneskapel.
Het laatgotische hoogaltaar komt uit het begin van de 16e eeuw, het koorgestoelte uit 1529 en de zandstenen kansel uit 1591. De panelen van het lekenaltaar voor het doksaal werd rond 1540 gemaakt in het atelier van Lucas Cranach de Oudere. Op het middendeel zie je de Kruisiging. De retabel in de Georgekapel is een werk uit 1535 en is misschien van Lucas Cranach de Oudere zelf. In de katholieke tijd waren er 30 altaren in de dom, maar de meesten zijn vernietigd of verdwenen tijdens de reformatie.

Meer informatie vind je hier.

Stadhuis Meißen

Het stadhuis is een laatgotisch gebouw op het marktplein. Het stadhuis werd gebouwd in de jaren 1472-1480. In 1726 en 1865 werden renovaties uitgevoerd, in 1910 werden de gevels vervangen door Alexander Horath met als doel het gebouw in zijn oorspronkelijke staat terug te brengen, met de toevoeging van het balkon.

De structuur is een gepleisterd gebouw met bakstenen gevels en zandstenen muren, dat is gebouwd op een enigszins onregelmatig rechthoekig plan. Het gebouw heeft een steil zadeldak met glimmende gevels aan de smalle zijden. Het hoofdportaal uit 1470 is versierd met ronde staven. Het stadswapen, gemaakt van zandsteen, zie je bovenin. Het rechthoekige zijportaal van rond 1470 met een eenvoudige inslag in de muren leidde vroeger naar de broodbanken, nu naar de Ratskeller. Aan de hoofdgevel zie je ook een zonnewijzer uit 1969.

Het stadhuis is aan de Burgstraße 31 en 32. Nummer 31 is een voormalig woongebouw, dat sinds 1911 door het stadsbestuur wordt gebruikt. Dit is een renaissancegebouw uit 1550. Het huis op nr. 32 is een enorm langwerpig renaissancegebouw met drie verdiepingen uit de 16e eeuw; het heeft een erker met twee verdiepingen en een zadeldak met dakranden. De eenvoudige gevel wordt gekenmerkt door brede boogramen.

Prälatenhaus

Het laatgotische Prälatenhaus is één van de oudste huizen in Meißen en een nationaal monument. Met zijn laatgotische bakstenen gevel vormt dit het schilderachtige uitzicht op het westen van de oude stad en bevat het belangrijke overblijfselen van laatgotische muurschilderingen. In de jaren 1509 en 1510 liet de pauselijke legaat en bisschoppelijke notaris Nikolaus Heynemann een woonhuis bouwen. Het laatgotische gebouw met drie verdiepingen werd direct op de rots gebouwd en heeft een rijk versierde trapgevel van baksteen. Het huis heeft een laatgotisch balkenplafond in de hal, unieke muurfresco’s in verschillende kamers die parallellen hebben met de Cranach-werkplaats.

Freiheit

Freiheit is een straat die loopt in zuidelijke richting vanaf de Schlossbrücke voor de kasteelpoort naar het Domherrenhof. Naast de abdij van St. Afra zijn er allerlei andere historisch belangrijke plaatsen langs de weg. Freiheit was de hoofdingang van de Albrechtsburg nadat de kasteelbrug werd gebouwd in 1221–1228. Er waren verdedigende ridderlijke hoven en vóór 1200 ook kanonnen. De binnenplaatsen op deze straat waren vrijgesteld van stedelijke macht en belasting. De Jahnaische Hof met zijn muur (Freiheit 1), de Burglehn bij de voorste kasteelpoort (Freiheit 2), de Jahnsche Hof (Freiheit 6) en de Afrikanische Pfarre (Freiheit 7) zijn bewaard gebleven vanaf de Feste Höfe.

Jahnaische Hof

Het Jahnaischer Hof uit de 12de eeuw werd gekocht door Hans von Schleinitz op Schieritz en Jahna in 1409/1410 en uitgebreid met oudere onderdelen. Het hoofdgebouw heeft twee rechthoekige vleugels en een huis voor het personeel en dateert uit omstreeks 1610. Aan de oostkant is een traptoren gebouwd, waarvan de helft uit de muur steekt. Het buitenste traphek is gemaakt door Balthasar Barthel de Oude in 1610. Er zijn twee leeuwen in de gegroefde boog die de armen van Schleinitz en Sundthausen dragen. Onder de kroonlijst zie je een plaquette met Bijbelse citaten. De bijzondere deur is uit 1609. De binnenplaats is omringd door een hoge muur. Het gebouw heeft een kruisgewelf op de begane grond.

Schleinitzer Hof

Het Schleinitzer Hof (nr. 2) bestaat uit drie gebouwencomplexen uit de jaren 1522, 1649 en 1743 en is gegroepeerd rond een binnenplaats. Het was een belangrijke plek direct voor de brug die de kasteelheuvel met de Afraberg koppelt. Het pand met toren, binnenplaats en stallen werd in 1522 overgedragen aan Wolf von Schleinitz. De puntgevel op de kasteelpoort is uit deze periode. De bovenste verdieping is verbonden met de poort van de voorste kasteelpoort en gaat terug naar de kern van een middeleeuwse woontoren. Het gebouw werd herbouwd in 1649 na een brand in de Dertigjarige Oorlog en het complex aan de Grosser Hohlweg werd nieuw gebouwd. Dit onderdeel werd in 1743 uitgebreid tot vijf verdiepingen en verbonden met de kasteelbrug. In hetzelfde jaar begon de bouw van het barokke gebouw naast het Jahnaischer Hof. Binnenin zijn de kamers op de begane grond afgewerkt met kruisgewelven en bereikbaar vanaf de binnenplaats. De poort heeft een zadeldak en een Renaissancegevel; de gewelfde doorgang heeft laatgotische ribben. Een erker is aan de kasteelzijde vastgemaakt.

Afranische Pfarre

De Afranische Pfarre (nr. 7) was oorspronkelijk een versterkt ridderhof en is sinds 1565 de zetel van de parochie en soms ook de kerkenraad. Het langwerpige gebouw bestaat uit drie onderdelen, waarvan de oudste het voor- en poortgebouw is. Het westelijke deel is ontwikkeld uit een verdedigingstoren en een woontoren. Dit komt uit de 13e eeuw, de rest werd na 1660 toegevoegd. Op de begane grond zijn vroeggotische spitsboogvensters met ijzeren roosters te zien, waarschijnlijk uit de eerste helft van de 13e eeuw. Kenmerkend voor dit gebouw is de hoekbaai in de vroege renaissancestijl, op de tweede verdieping van de voormalige toren. Ronde medaillons met reliëfafbeeldingen van Petrus en Paulus zie je op de borstwering. Een eenvoudige gotische deur leidt naar de voormalige woontoren op de westelijke muur, de buitenkant is bedekt met ijzeren platen en banden, in het midden is een rozet gemaakt van gebogen ijzeren platen. De binnenkant laat lelievormige ijzeren banden uit de tweede helft van de 15e eeuw zien. De kamer erachter is afgesloten met kruisgewelven, net als de bovenste verdiepingen, waarvan sommige ook balken- en stucplafonds hebben.

Frauenkirche

De evangelische Frauenkirche is een laatgotische hallenkerk. De kerk werd voor het eerst genoemd in 1205 in een document van bisschop Dietrich II van Meißen als kapel van Sint-Maria op de markt. Ongeveer 100 jaar later kwam de kapel van St. Marien oftewel de Frauenkirche. De kerk hoorde bij het Augustijner klooster van St. Afra. De Afra-kerk was de eerste parochiekerk in de stad en het omliggende gebied. De kerk op de markt ontwikkelde zich tot een burgerlijke kerk. Na de stadsbranden werd tussen 1450 en 1520 een laatgotische hallenkerk gebouwd. In 1547 werd de top van de toren vernietigd door bliksem. Toen kreeg de toren zijn achthoekige toren en in 1549 de vergulde torenknop met windwijzer. De drie gekleurde ramen in de koorkamer, zijn de 19de eeuw. De tijdens de Eerste Wereldoorlog verloren klokken werden in 1924 vervangen door de gegoten stalen klok van Bochum. De kerk is een gepleisterd stenen gebouw, het koor bestaat uit zandstenen blokken. De kerk met drie gangpaden bestaat uit het korte schip met drie gangpaden en een koor. Steunberen ondersteunen het gebouw dat gebouwd is op stijgend terrein. Het gebouw heeft een zadeldak met drie dubbele daken boven de zijbeuken. Er is een massieve toren met rijke maaswerkpanelen.

Het interieur heeft bijzondere, slanke, achthoekige pilaren en het gewelf met parallelle ribben is gebaseerd op het model van de Sint-Vituskathedraal in Praag. Het koor is afgesloten met een rijk sterrengewelf. In de zuidmuur van het koor is een nis met zandstenen muren. Ten zuiden van het koor is de sacristie. De kapel, gebouwd rond 1540 ten zuiden van de toren, is versierd met een glazen schilderij van een Meissener porseleinschilder uit 1845.

Het prachtige, gebeeldhouwde altaar is van rond 1500, waarvan de verloren zijvleugels in 1929 werden aangevuld en voorzien van spandoeken. In het schip zie je het geschilderde laatgotische gevleugelde altaar uit 1480, uit de Nikolaikirche. Je ziet de bewening van Christus. In de zuidelijke zijkapel zie je het voormalige schilderij van het hoofdaltaar met de afbeelding van de Goede Herder. In 1929, ter gelegenheid van het 1000-jarig bestaan van Meißen, werd ’s werelds eerste speelbare porseleinen klokkenspel in de toren geïnstalleerd. Op 1 juni 1929 klonk de beiaard voor het eerst rond het middaguur. Na een uitgebreide restauratie van 2002 tot 2004, speelt het zes keer per dag koralen.

Augustijner klooster van St. Afra

Het Augustijner klooster van St. Afra werd in 1205 gesticht door bisschop Dietrich II van Kittlitz. Het klooster werd ontbonden met de Reformatie vanaf 1539. Moritz richtte in 1543 de eerste prinselijke en staatsschool op in Saksen. Het kreeg de naam St. Afra. De kerk werd een parochie en schoolkerk tot 1943. Het Augustijner klooster werd gesticht rond de bestaande oudere St. Afra-kerk. Het was één van de oudste parochiekerken in Saksen. De eerste vermelding van een kerk op dit punt is uit 984. Na de oprichting van de abdij werd de kerk op de Afraberg herbouwd als een romaanse basiliek. Na 1350 werden de koormuren gebouwd en het koor werd gesloten met vier kruisribgewelven. Na 1470 kreeg het hoofdschip een gotisch gewelf. Tot die tijd was het schip voorzien van een recht houten balkenplafond. Na een blikseminslag in 1766 kreeg de toren een barokke koepel.

De preekstoel en het barokke altaar zijn rond 1660 gemaakt door Valentin Otte. Het vroegbarokke portaal aan de zuidkant werd gebouwd rond 1670. Aan de linkerkant zie je Mozes met de wet, daarboven de synagoge en aan de rechterkant de apostel Paulus met een zwaard. De Schleinitzkapelle is een rouwkapel van de Schleinitze, een ridderfamilie uit de 15e en 16e eeuw. De kapel werd vervolgens toegevoegd aan de kerk.

Stadtmuseum

Het voormalige Franciscaner klooster is een gedeeltelijk bewaard gebleven gotisch klooster op Heinrichsplatz 3, dat nu wordt gebruikt door het Stadtmuseum. Het klooster werd rond 1258 gesticht. De kloosterkerk St. Petrus en Paulus werd gebouwd rond 1350–1400. Na een brand werd de kerk in 1447–1457 opnieuw gewelfd. In de loop van de Reformatie werd het klooster in 1539 ontbonden. Het gebouw, gemaakt van graniet en zandsteen, is een eenvoudige gotische halkerk met steunberen en slanke driedelige maaswerkvensters. Het schip van de kloosterkerk is een hal met beuken, die is afgewerkt met geribde gewelven op afgeschuinde, vierkante pilaren. Het noordelijke gangpad is breder dan het zuidelijke. Het koor, dat niet werd bewaard, was een 14e-eeuws gebouw en ook gewelfd met geribde gewelven met een peervormig profiel.

De noord- en westvleugels van het klooster waren bewaard gebleven. De inrichting omvat vele grafschriften en monumenten van de adel en de rijke burgerij, en ook monumenten uit de Nikolaikirche, uit Meißen-Triebischtal en uit de Johanniskapelle die in 1903 werd afgebroken. In 1855 werd het grootste deel van het klooster gesloopt. In 1857 werden de afgebroken delen van het klooster herbouwd op een nieuwe plattegrond en aangevuld met behulp van oude, geborgen materialen. Tegelijkertijd werden de twee neogotische gebouwen aan beide zijden van het klooster gebouwd. Dit neogotische schoolgebouw werd beschouwd als een model van schoolarchitectuur. Het is uitgerust met gotische bakstenen elementen.

Het museum toont de economische, juridische en kunstgeschiedenis van de stad en de productie van keramiek en porselein in de regio. Het werd uitgebreid in de jaren 1930 met delen van de Max Andrä-Seebschütz-collectie (prehistorische en vroege geschiedenis) en later met de Otto Horn-collectie (heilige sculpturen uit de middeleeuwen en de moderne tijd).

Meer informatie vind je hier.

Kasteel Siebeneichen

Het kasteel Siebeneichen werd gebouwd door Ernst von Miltitz in de 16e eeuw. Het kasteel is gelegen op de zuidelijke helling van de Elbe stroomopwaarts van de oude stad van Meissen in de wijk Siebeneichen. Het gebouw werd voor het eerst genoemd in 1220. Een adellijke familie werd vernoemd naar Siebeneichen in de 12e eeuw. De naam komt waarschijnlijk uit het Slavisch. Tussen 1553 en 1555 bouwde de Saksische raadsheer en hofmaarschalk Ernst von Miltitz het kasteel in renaissancestijl met drie verdiepingen en twee hoektorens en dwergwoningen, zoals je dat nu nog steeds ziet. In 1591 had zijn zoon Nickel von Miltitz een ommuurde renaissancetuin met waterpartijen toegevoegd. In 1748 werd het kasteel onder Heinrich Gottlob von Miltitz aan de westkant uitgebreid. Aan het begin van de 19e eeuw creëerde Sarah Anna Constable, de vrouw van Dietrichs von Miltitz, een landschapspark van 35 hectare naar Engels voorbeeld, dat nu een van de oudste in Saksen is. Kasteel. In 1945 werd het kasteel onteigend en het landgoed verdeeld onder nieuwe boeren. Het kasteel werd eerst gebruikt als een natuurhistorisch museum vanaf 1946. Daarna is het vooral gebruikt als school voor volwassenen educatie. Aan de voet van het kasteel ligt het Siebeneichen Heimmattierpark. Deze dierentuin herbergt meer dan 400 dieren in 85 verschillende soorten.

Meer informatie vind je hier.

Lees ook:

Astrid
Latest posts by Astrid (see all)